De ene dag voel ik dit, de andere dag voel ik dat. De ene dag ben ik aanwezig, de andere dag ben ik afwezig. De ene dag ben ik aandachtig, de andere dag ben ik gedachteloos. De ene dag ben ik chaos, de andere dag ben ik orde. De ene dag ben ik eenvoudig, de andere dag ben ik ingewikkeld. De ene dag ben ik heel, de andere dag ben ik gebroken. De ene dag ben ik mooi, de andere dag ben ik lelijk. De ene dag ben ik netjes, de andere dag ben ik slordig. De ene dag wil ik praten, de andere dag wil ik zwijgen. De ene dag ben ik saai, de andere dag ben ik boeiend. De ene dag ben ik veel, de andere dag ben ik weinig. - dit is hoe ik mezelf zou omschrijven
Samen met jou naar zo’n typisch bruin café, midden in de week, tussen drukken dagen heen. Samen aan een klein tafeltje met maar plek voor twee, jij met een speciaal biertje en ik met een chardonnay. De tijd die vliegt voorbij, en wij, wij vliegen mee.
Misschien zeg ik nooit liefje,
Misschien zeg ik nooit mop,
Misschien zeg ik nooit snoezepoes,
Misschien zeg ik nooit schat,
Maar toch moet je even weten,
Ik ben jou nog lang niet zat.
Het is te laat wanneer je beseft dat dromen een abrupt einde hebben en nachtmerries voortleven in daglicht, dat je ogen sluiten geen nut meer heeft wanneer het geen wat je niet wil zien zich voordoet in je hoofd en dat het leven toch niet helemaal is wat je als kind is belooft.
Ik wil weten hoe het voelt om ergens binnen te komen en niet meteen de nooduitgang te zoeken. Vertel me hoe het voelt om niet altijd te willen vluchten.