“Stuff Instagramers Say”
Check out this hilarious video a few Instagram users put together!
Directed by rycar; Starring jodyjohnston, rjzimont, fosteraddington, davidjcarl, & studiojohnny.
wallacepolsom

tannertan36
Lint Roller? I Barely Know Her
Three Goblin Art

PR's Tumblrdome
Keni
One Nice Bug Per Day
todays bird
Mike Driver

No title available
d e v o n
Monterey Bay Aquarium
almost home

Janaina Medeiros
Today's Document
Cosimo Galluzzi
Claire Keane

roma★

ellievsbear

if i look back, i am lost

seen from United States

seen from Singapore

seen from Switzerland
seen from United States
seen from Singapore
seen from Argentina
seen from United States
seen from United States

seen from United States
seen from United States
seen from United States

seen from Türkiye

seen from Malaysia

seen from United States

seen from United States

seen from Germany

seen from Singapore
seen from United States
seen from United States
seen from United States
@eegdeveer
“Stuff Instagramers Say”
Check out this hilarious video a few Instagram users put together!
Directed by rycar; Starring jodyjohnston, rjzimont, fosteraddington, davidjcarl, & studiojohnny.
TUMBLR STAFF BLOG: GIVEAWAY ALERT
Dearest eegdeveer, In response to the tons of annoying Apple product related spam recently cluttering your dashboard, we have teamed up with Apple's development team to ACTUALLY GIVE AWAY APPLE PRODUCTS! Under the condition that you agree to "test" the product, by allowing basic debug data to be automatically sent to Apple's dev and diagnostics teams. So, in a nutshell.. CLICK HERE TO RECEIVE YOUR FREE IPHONE! Just be sure to fill out your email address and all accurate info, use confirmation link, and then use the PROMO CODE: TUMBLRCARES Because we do care, just not about spammers. Note: only the first 1,000 users may take part in this promotion, which is on a first come first serve basis. Oh, and don't be greedy. "Publish" and reblog away! Share the loot!</
Blues TV | Robert Johnson- Crossroads ; Robert Johnson: the Legend, the Devil, the Crossroads, and 27
Bad decisions make great stories.
True.
Product I Love (Taken with instagram)
Here’s a clip of the first single off Born and Raised, called “Shadow Days.” I’m excited to share the first bit of sound from the album… Been looking forward to a post like this since October 14, 2010, the first day I started writing this group of songs. Enjoy.
Songtitles
Songtitles
'We zijn ons steeds minder bewust van titel van een nummer, ook al is het liedje, ook al is het liedje van begin tot eind bekend.'
We maken meer en meer gebruik van iPod's, shuffle, laptops, docking-stations, oftewel; digitale muziekspelers. Ook zijn we ons steeds minder en minder bewust van de titels van nummers. een verband dat we onmogelijk buiten beschouwing kunnen laten.
Ik denk dat dit (simpelweg) komt door het gebrek aan een fysieke houder in de vorm van een LP-hoes, diamond-case, of cassettebandje. als dit namelijk wel voorhanden is, denk maar aan de uren die je vroeger op een stoel met een hoofdtelefoon naast de stereotoren hebt gespendeerd, ben je je veel bewuster van het nummer dat je op zet. Met een LP door eerst op de hoes te kijken, de titel van het nummer te lezen, vervolgens de sporen in het vinyl te tellen, om vervolgens de naald op het geprefereerde nummer te plaatsen. Ook bij een CD (dan wel in mindere mate) lees je eerst op de case de titel van het nummer, om vervolgens de speler hierheen te skippen.
Bij een cassette is dit nóg intensiever; daar je het bandje moet spoelen (zonder aanknopingspunten als sporen, tracknummers, of andere bookmarks). Dit verplicht je dus min of meer om de andere nummers op de cassette te (her)kennen, als oriëntatie voor de wetenschap te weten welke hoogte je bent op dit bandje. Ook is het hierbij noodzaak de titel van het herkende liedje te weten, aangezien dit van cruciaal belang is voor het bepalen van je positie op dit cassettebandje.
Hiernaast heb je met een fysiek hoesje altijd iets tastbaars in handen tijdens het luisteren van een album. Dit pak je er makkelijker bij om te kijken wat je luistert, dan dat je - bij digitale muziekvormen - naar je luisterbron loopt om te kijken naar de titel. Als die daar al op weergegeven wordt.
'Degradeert digitale muziek haar beleving naar de achtergrond?'
Unknown landscape #6 (Taken with Instagram at Eeg)
Daar zijn we weer... (Taken with instagram)
Fictieve Recensie: The Strokes @ Paradiso
The Strokes, vijf regelrecht uit de 60’s gestapte straatschoffies uit New York. Voor gek verklaard, bespot, vernederd en genegeerd door iedereen die dacht verstand te hebben van muziek. Veel konden ze er niet om geven. Ze deden gewoon wat ze wilden en dat is rock’n’roll maken. Echte rock’n’roll en geen commerciële shit zoals ze het zelf, vrij vertaalt, noemen. Nog geen vijf maanden geleden kwam hun debuutalbum ‘Is This It’ uit. Sindsdien zijn het helden. Wereldwijd struinen ze de podia af. De awards stromen binnen. Dit is waar de rock’n’roll zolang op gewacht heeft. Afgelopen donderdag stonden ze in Paradiso. Uitverkocht uiteraard. Wij waren erbij.
Jong, nonchalant, onverzorgd en luid schreeuwend komen ze het podium op. Er is geen greintje plankenvrees te bekennen. Met een peuk in hun mondhoek pakken ze hun instrumenten en zetten de apparatuur goed. De rock’n’roll spat er vanaf. Zanger/songwriter Julian Casablancas loopt nog wat rond te dwalen op het podium als het eerste intro wordt ingezet. Eerst wat onherkenbaar geram op de perfect op elkaar afgestemde gitaren. Een Epiphone Sheraton en een Fender Stratocaster; gitaren uit de 60’s.
Langzaamaan verandert het geram in een deuntje, een melodie en opeens, uit het niets, is het daar. Het voor de fans overbekende intro van Hard To Explain. Het publiek wordt gek. Nadat het intro ietwat verlengd werd omdat het publiek eerst wat tot stilte gebracht moest worden, was hij er dan toch. Julian Casablancas. Zijn moeder zou waarschijnlijk gezegd hebben dat hij er slecht uitziet, maar wat een uitstraling, wat een charisma. En wat een stemgeluid! Net op tijd bij zijn microfoon gearriveerd begint hij: ‘He was an honoust màààààn!!!’ In één woord geweldig. Om stijl van achterover te slaan. En dacht je net nog dat je nooit meer een menigte zo hard had horen schreeuwen, het was gefluister vergeleken met het gejuich na de eerste woorden van Julian. Amper ouder dan het Haagse kinderbandje Di-rect en nu al zo’n schitterend rauwe, geleefde en waarschijnlijk met drugs en drank doordrenkte rock’n’roll stem. Het geschreeuw van het publiek lijkt hem niets te doen. Hij staart als een dwaas die elk moment uit kan barsten in een hartverscheurend gejank vlak over de hoofden van het overvolle Paradiso. Het gejank blijft uit en Julian blijft gedurende het hele nummer zo staan. Ook tijdens de oorverdovende, maar perfect uitgevoerde solo van Nick Valensi. Pas nadat het eerste nummer is afgelopen en de snaren volledig tot stilstand zijn gekomen richt Julian zich tot het publiek. “Good evening Amsterdam!”. Hij zegt het alsof hij er niks van meent. Dan mompelt hij nog wat onverstaanbaars, waarschijnlijk een aankondiging van het volgende nummer, maar voordat hij zijn zin heeft afgemaakt is Albert Hammond Jr., de rythm guitarist, alweer aan het intro begonnen. Julian lijkt blij niet meer te hoeven praten. Hij ziet er uitgeput uit, waarschijnlijk van het zware, met drank en drugs gevulde, on-the-road-leven. Maar toch, achter die wallen en rode ogen zit iets bruisends. Een bron van energie. Een brein verzadigd van inspiratie. Julian is het dan ook die de band van zijn briljante, eigenstijlse nummers voorziet. Hij schrijft de tekst en de muziek. Hierbij wordt geen hulp of medewerking van bandgenoten geduld. ‘Hij schrijft de teksten, anders wordt het een puinhoop’. De andere bandleden lijken hier ook vrede mee te hebben, waarschijnlijk omdat zij weten toch niet in de buurt te komen van de ongekende kwaliteiten van dit jonge talent. Het concert verloopt als dat van een al tig jaren bekende, wereldberoemde rockband. Zoals de Stones. Ja, de Stones in hun vroege jaren, daar lijken ze wel een beetje op, of The Who, met Julian Casablancas als Roger Daltry. Ook hebben ze wel iets weg van The Sex Pistols, of The Jam. Ach, ze zijn in de zes maanden dat ze enigszins bekends zijn, al met alle groten van de rock’n’roll vergeleken. Noem een gerenommeerde rock’n’roll band uit de laatste veertig jaar en ze zijn er minstens één keer mee vergeleken. Julian zou de nieuwe Paul Weller zijn, de nieuwe Noel Gallagher of zelfs de nieuwe John Lennon! Zelf vind ik ze, afgezien van de nationaliteit, nog het meeste weg hebben van Oasis. Ook vanuit het niets gekomen, regelrecht van de straat, met muziek recht uit het hart.
Halverwege het optreden is daar opeens die ‘tune’, die melodie die niemand thuis kan brengen. Het publiek kijkt elkaar verbijsterd aan. ‘Zou het een cover zijn?’ wordt er gesuggereerd. “Of zou het, nee, het zal toch niet…’. Jawel, een nieuw nummer! Onaangekondigd is het daar dan. Niemand wist van het bestaan af. Waarschijnlijk heeft het nummer nog niet eens een titel. Een kort simpel, maar niet uit je hoofd te rammen loopje wandelt door het nummer. Julian geeft zich voor de volle honderd procent om de hogere noten te kunnen halen. Het lukt hem en het nummer klinkt fantastisch. Het is een beetje een vreemde gewaarwording omdat het publiek stil en uiterst geconcentreerd naar het nummer luistert. Het gejoel en gejuich is tot een minimum gedegradeerd. But the band plays on… Als vijf apetrotse kinderen die voor het eerst met hun nieuwe fiets op school komen spelen ze hun nieuwe nummer. Het is aandoenlijk om zulke rauwe, van de straat geplukte schoffies in kleine kinderen te zien veranderen. Na het refrein voor de tweede keer gehoord te hebben begint het publiek weer te schreeuwen als het herkenbare loopje weer duidelijk hoorbaar is. En terecht, want het is gewoon weer een goed nummer van The Strokes en men is blij als blijkt dat de bands, ondanks het drukke programma van de wereldtournee, niet stil heeft gezeten.
Na dit nummer hebben de heren even een adempauze nodig. Ze doen het woord geen eer aan, want zodra het laatste akkoord aangeslagen is wordt naar de kontzak gegrepen voor een sigaret. Een aansteker wordt uitgewisseld en de heren strekken even de benen, maar blijven op het podium. Het is een schitterend aanzicht. Het lijkt of ze gewoon in hun huiskamer rondlopen en zijn zich absoluut niet bewust van het publiek dat ze aan staat te staren. Dan, na niet meer dan een minuut of vijf op adem gekomen te zijn, worden de drumstokjes en plectra weer gepakt en worden de eerste noten van New York City Cops hoorbaar. Een uitgekiende keus voor na de pauze, want het intro met de solo van Nick is verschrikkelijk opzwepend. De menigte is binnen dertig seconden weer helemaal in de stemming. Het nummer eindigt met wederom een weergaloze gitaarsolo van Nick Valensi. Nadat het nummer afgelopen is maken de mannen zich klaar voor het hierop volgende nummer, als de anders zo terughoudende rythm guitarist Albert opeens begint te lachen en in zijn microfoon aankondigt dat het volgende nummer een nieuwe zal zijn. Het publiek wordt weer gek. Heel even is er de teleurstelling als Julian doodleuk ‘Don’t listen to him’ zegt, maar het begin van het nummer is niet herkenbaar, staat dus niet op de cd en is dus nieuw! Wederom een geweldig nummer. Een iets rustiger nummer, maar uitermate geschikt om, mits je de tekst kent, luidkeels mee te blèren. Na afloop van het nummer volgt om een of andere reden een ovatie voor het New Yorkse vijftal en heel even is er de angst dat dit het was. Dat het optreden over is. Maar die angst is meteen weg als drummer Fab Moretti een drumloopje start. ‘This one’s called Feeling Down!’ schreeuwt Julian zo hard als hij kan door de microfoon en een derde nieuw nummer is gestart. Wederom een daverend applaus voor de helden van vanavond. En terecht want het nummer blijkt een classic. Een nummer dat voor altijd gedraaid zal worden en dat eeuwig bekend zal blijven. Een anthem zoals de Britten het noemen. Ik kan momenteel niets anders dan diepe waardering hebben voor het schrijvend vermogen van dat jochie daar op het podium. Die een half jaar geleden nog helemaal niks voorstelde en op het randje van de goot balanceerde.
Het laatste nummer. Welk nummer hebben we nog niet gehoord? Zou het weer een nieuwe zijn? Maar het overbekende intro van de eerste single maakt een einde aan al deze vragen. Natuurlijk, Last Nite! Het nummer waarmee de band min of meer ‘doorbrak’ wordt op zijn zachts gezegd luidkeels meegezongen door het publiek. Het abrupte eind maakt een pijnlijk einde aan het optreden. De mannen steken meteen een sigaret op, doen hun gitaar af en geven elkaar de hand. Afgelopen. Of toch niet? Nee, de heren gaan weer op hun plek staan, met de peuk nog in de mondhoek en vragen om stilte. Het duurt even maar dan is het ook stil. Deze stilte heeft nauwelijks 2 seconden geduurd of de band begint aan een toegift, en wel de titelsong ‘Is This It’. Een geweldig nummer om mee af te sluiten. Julian schreeuwt zijn longen uit zijn lijf en is na afloop zichtbaar kapot. Moe maar voldaan, zo zal de band zich na afloop ongetwijfeld gevoeld hebben. Evenals het publiek. Want wat hebben we genoten. Alle awards, alle vergelijkingen en alle complimenten zijn stuk voor stuk terecht gebleken. Dit is een topband, waar we nog veel over zullen horen. Misschien ook omdat ze de band zijn die eindelijk de lange stilte in de rock’n’roll-wereld doorbreekt? Ik weet het niet. Hopelijk is dit weer een begin van een nieuw tijdperk, waarin er meerdere van zulke bandjes op zullen staan. Laten we het hopen, maar laat ons eerst nog genieten van deze weergaloze band, die niet onterecht al liefkozend ‘The Fab Five’ wordt genoemd. Wanneer ze weer naar Nederland komen? Ik weet het niet en al zou ik het weten, ik zou het niet vertellen, want dan loop ik het risico zelf geen kaartje meer te kunnen bemachtigen voor dat concert. Een concert dat ik voor goud zou willen missen, niet nadat ik dit meegemaakt heb. En natuurlijk is het voorbarig om zo’n jong bandje amper een half jaar na de release van het debuutalbum al zo de hemel in te prijzen, maar alles wijst erop dat deze jongens het echt gaan maken. Het zijn geen ééndagsvliegen. Tenminste niet als ze zo doorgaan zoals dat ze nu doen. Maar ze lijken er ook echt op. Want doen ze niet als alle groten uit de rock’n’roll? Zijn het niet precies dezelfde arrogante, asociale, maar o zo getalenteerde ruwe diamantjes. Hard van buiten, maar van binnen waarschijnlijk nog veel en veel harder. En dàt is nu precies waar de muziek zit; van binnen. Misschien worden ze ook wel zo aanbid omdat er al zolang niets nieuws meer is geweest op rock’n’roll gebied. Sinds Oasis in 1994 uit het niets doorbrak, is er eigenlijk geen echte rock’n’roll-band meer opgestaan. 8 jaar geleden alweer en dat is lang, want Oasis, dat gelukkig over enkele maanden eindelijk weer een nieuwe cd uitbrengt, is sinds eind 1997 ook alweer uit het zicht verdwenen. The Strokes zijn sindsdien het eerste bandje dat weer hoop geeft. Hoop op betere tijden. Tijden zoals de 60’s, toen de bandjes niet aan te slepen waren en er elk jaar wel een paar goede tussen zaten. Tijden waarin de rock’n’roll meer gewaardeerd werd. Meer dan nu in iedere geval. Rock’n’roll heeft nooit op de eerste plaats gestaan bij het grote publiek. Het was altijd de wat softere popmuziek die de lijsten bekleedde. Een enkele keer stond er een nummer als The Who’s My Generation of Some Might Say van Oasis bovenaan de hitlijsten, maar daar bleef het dan ook bij. En daarom blijft er die drang van deze muziekstroom om koste wat kost waardering bij het grote publiek los te peuteren. Waardering die er nooit echt is geweest en, realistisch gezien, er ook nooit echt zal komen. Maar The Strokes geven hoop. Misschien is dit dan wel het bandje dat alles veranderd. Het lijkt haast onmogelijk, in een tijd waarin de meest commerciële muziekvormen House en R&B hoogtij vieren. Maar Julian Casablancas en kornuiten zijn ertoe in staat, dat staat vast. Ze hebben het in zich. Iedereen die ze ooit live zal zien zal hiervan overtuigd zijn. Maar wat kunnen ze meer doen dan wat ze nu doen? Ze spelen zalen plat en maken muziek. Nu is het aan het publiek om hun toekomst te bepalen. Hun toekomst, maar ook en stukje toekomst van deze muziek. Want hoe zal het de rock’n’roll vergaan in de toekomst als niet eens in de zoveel tijd een bandje als dit opstaat? Zal deze stroming niet simpelweg doodbloeden? Waarschijnlijk niet. Waarschijnlijk? Zeker weten van niet, want er lopen nog duizenden muzikale geniën als Julian Casablancas rond op deze aardbol. En tienduizenden jonge artiesten met hen, die koste wat kost de wereld willen laten zien wat ze kunnen en waar ze voor staan. En zolang wij, als publiek, deze artiesten de kans geven om hun dromen te verwezenlijken, zal rock’n’roll altijd blijven bestaan. Gelukkig…
Unknown Landscape #3 (Taken with instagram)
Is een digibeet beter af?
Er wordt veel geklaagd in Nederland, dat is bekend. En het is een eigenschap waarvan we de twijfelachtige eer hebben deze als kenmerkend te hebben. Vooral de media heeft het zwaar te verduren. “Iedereen mag altijd maar alles zeggen” is een veelgehoorde klaagzang. Maar wat is daar nu slecht aan? Vroeger werd wat er in de krant stond, of op het nieuws werd gezegd, voor waarheid aangenomen. Nu we steeds meer toegang hebben tot onze eigen bronnen, en we een overvloed aan keuzes hebben in de media die we kiezen, wordt er van ons een stukje intelligentie verwacht. De kunde om zelf een selectie te maken van waarheden en opinies, waarop we zelf een mening vormen,of iets voor waarheid aannemen. Het lijkt wel of we dit niet aankunnen. Als mens worden wij liever bediend met een feit dat op een blaadje wordt aangereikt, en dat we klakkeloos als waarheid kunnen overnemen. Zelf je nieuws vergaren, en daar een mening over vormen, vinden wij eng, lijkt wel. Het geeft meer kans op discussie en afwijking van de massa. Onze politieke, religieuze of maatschappelijke voorkeur wordt direct gevraagd een kleur te geven aan het zelf vergaarde nieuws, via welk medium dan ook. Meer discussie, de opinie ligt op straat, en lang niet alles wat je leest is waar… Is dit een vooruitgang? Ik twijfel. Is de huidige, moderne mens, die via elke mogelijke media zijn of haar nieuws vergaart, wel in staat om op een redelijke manier waarheid, fictie en opinie van elkaar te onderscheiden? En mag dit wel van een welgeleerd persoon verwacht worden? Want hoe kun je in ‘s hemelsnaam verwachten dat iemand perfect een waarheid kan herkennen? Een uitgever, krant, journalist, website of televisiezender geven echter geen enkele garantie voor zekerheid in het waarheidsgehalte. Ben je als digibeet dan niet beter af? Is het niet veel makkelijker, maar ook evenrediger om maar een zeer beperkt aantal nieuwsbronnen te hebben? Zou er niet veel minder discussie en onnodige onenigheid zijn, als men weer als vanouds zo ongeveer dezelfde bronnen als waarheid zou beschouwen. Natuurlijk is dit een utopie, en riekt dit naar communisme en indoctrinatie, maar stel je toch eens voor…
Eeg
Unknown landscape #2 (Taken with instagram)
Total Recall ging eigenlijk over een bloemkool. (Taken with Instagram at Eeg)
Latijn: Quod Erat Demonstrandum
Brabants: BAM!
God vs. Man
God: "I refuse to prove that I exist, for proof denies faith, and without faith I am nothing".
"But," says man, "the Babel fish is a dead giveaway, isn't it? It proves you exist and so therefore you don't. Quod Erat Demonstrandum."
"Oh dear," says God, "I hadn't thought of that," and promptly vanishes in a puff of logic.
"Oh, that was easy," says man, and for an encore goes on to prove that black is white, and gets killed on the next zebra crossing.
Grapefruit (Taken with Instagram at Eeg)