Visit to the homeless shelter
Om echt de noden van de daklozen beter te kunnen begrijpen, leek het me interessant om ook echt met die mensen in contact te komen en te luisteren naar hun verhalen. Daarom ben ik gisterenavond - met behulp van mijn vriendin de fotografe - langs geweest bij De Winterwerking, een opvangcentrum voor daklozen dat vooral dient om actuut daklozen een slaapplaats aan te bieden in de winter. De werking vraagt 2,5euro aan de daklozen, hiervoor krijgen ze een bed, eten, drinken, mogelijkheid tot douche, gebruik van de ontspanningsruimte, hulp bij problemen door o.a. groepsessies of een goede babbel en indien echt nodig, materiële steun van kleding of schoenen. De bedoeling van het bezoek was om een 'verkennende' babbel te voeren met de daklozen, om echt een inside look te krijgen in hun wereld.
De Winterwerking is gelegen aan de Singel en zag er verrassend modern uit aan de buitenkant. Er was een knappe groenige muurschildering gemaakt over de volledige zijkant van het pand. Het gebouw is enorm groot, maar voornamelijk de twee bovenste verdiepingen worden gebruikt als slaapplaatsen. Daar word onder meer het onderscheid gemaakt tussen mensen mét papieren (verdiep 1), en mensen zonder papieren (verdiep 2). De Winterwerking blijft slechts gedurende de winter open. Eind maart doet het gebouw zijn deuren toe, en worden de mensen doorverwezen naar andere centra. Per 'inwoner' word er een max. verblijf van 45 dagen gerekend. (Dat eventueel verlengd kan worden als de dakloze daar echt nood aan heeft, en bezig is met oplossingen zoeken).
Tjarda, de vriendin waardoor ik de mogelijkheid had om daar langs te komen, werkt aan een fotografisch project rond 'daklozen'. Zij zal meermaals in de week de komende maanden langsgaan in het centrum om te luisteren naar verhalen en om uiteindelijk portretten van de daklozen te maken, dit in het kader van 'Dokters van de Wereld' die mede deze opvang mogelijk maken. Voor haar is het dus ook van enorm belang om het vertrouwen van deze mensen te winnen, wat niet altijd even makkelijk is. Ik vergezelde haar gisteren op haar tweede bezoek aan de opvang.
Het is 20u s'avonds, pikdonker buiten, en we staan aan de ingang van het gebouw. De deuren van het gebouw zijn vergrendeld en grote witte tralies schermen het glas af. We bellen aan en een jonge man doet open. Het is duidelijk iemand van de werking. We worden niet gevraagd wat we hier komen doen, maar worden vriendelijk begroet en naar boven gestuurd. Terwijl wij de ellenlange trappen afwerken, kruisen we al af en toe een dakloze. Je voelt op de één of andere manier dat je aanwezigheid als 'vreemd' gezien word. We gaan helemaal tot boven (tot het verdiep waar de mensen zonder papieren verblijven). Het gebouw doet enorm proper aan. Felle, vrolijke kleuren fleuren de grote muren wat op. De deuren van de kamers staan veeleer open dan toe, en dan kan je zien dat mensen per 10 op een kamer slapen. Mooi aan de buitenkant van de kamers staan hun schoenen op een rijtje uitgestalt, blijkbaar om het 'geurende' aspect van de kamers wat binnen de perken te houden. Op de kleurrijke muren hangen er allerlei papieren met informatie. Telefoonnummers waar mensen terecht kunnen voor bepaalde problemen, de regels van het huis (niet drinken/eten op de kamers, niet roken, om 23u het licht uit,...). Verder hangt er ook een lange lijst met beschikbare logeerplaatsen, of appartementen die te huur zijn. Bedragen variëren van 350 tot 750eur/maand. Pijnlijke cijfers die ook zeker voor de daklozen niet vanzelfsprekend zijn.
We besluiten naar het eerste verdiep te gaan, waar de mensen mét papieren op dat moment verblijven. We spreken een begeleider aan, en vragen aan hem of hij ons in contact kan brengen met mensen die graag een verhaal vertellen, dat lijkt ons makkelijker en minder confronterend dan rechtstreeks op de mensen af te stappen. Na even zoeken zijn drie mensen bereid hun verhaal te doen, en we gaan naar een aparte ruimte. Een van die mensen is Joeri, een 21 jarige jonge kerel die door familieproblemen op straat beland is, en nu dakloos is. Aan zijn uiterlijk zou je het zeker niet zien. Een keurige jeans, een mooie trui, passende jas en bijhorend petje. Hij deelde een deel van zijn verhaal met ons, dat vrij treurig was, maar ondanks dat al kon er af en toe wel een mopje af. Het was eigenlijk verrassend hoe positief hij in het leven stond na alles wat hij meegemaakt had. Naast hem zat 'meneer onbekend met de bril', die graag in raadseltjes zijn verhaal deed. Hij wou duidelijk niet alle details kwijt van zijn verhaal, waardoor het vaak moeilijk was om te volgen. In het kort gezegd - of min of meer begrepen - was meneer onbekend een Belg, is dan verhuist naar het buitenland om daar in Frankrijk en Zweden als freelancer te werken, maar zag zich na aanzienlijke tijd financieel genoodzaakt om terug te komen naar België, waar hij nu verblijft in afwachting van zijn pensioen. Naast hem zit een turkse man van ongeveer in de 30, die dan weer door gerechtelijke problemen in deze situatie terecht is gekomen. Hij benadrukt hoe onverwachts alles was. Dat hij eigenlijk tot enkele maanden voorheen alle luxe had die hij zich maar kon bedenken; een huis, een job, een liefhebbende vrouw,... en dat dat plots allemaal weg was. De man werd gearresteerd door de politie na een klacht van de buren, voor lawaai tijdens een ruzie. Hiervoor kreeg hij dan een contactverbod opgelegd, waardoor hij niet kon terugkeren naar zijn huis. Opvang bij vrienden was mogelijk, maar niet voor lange tijd. De voorwaarden werden opgeheven door de procureur en meneer ging terug naar zijn thuis en zijn vrouw, maar deze beslissing was nog niet overal naar gecommuniceerd waardoor meneer opnieuw gearresteerd werd met 'schending van de voorwaarden' en hierdoor zelfs eventjes in de cel heeft moeten verblijven.
Ieder verhaal was persoonlijk en uniek, enorm uiteenlopend. Wat wel bij alle verhalen terugkwam was het 'labelen'. Als dakloze krijg je snel een label opgeplakt en dat brengt een kettingreactie voort. Eerst krijg je het label 'arm', dan het label 'dakloze', gevolgd door het label 'werkloze' of 'crimineel',.. en zo verder. Gebrek aan het ene zorgt ervoor dat je andere niet meer kunt doen, of MOOGT doen. Een eigen plaats is blijkbaar de minimum om aan werk te geraken. Zonder een thuis, kan er geen referentieadres opgegeven worden en worden ze afgescheept. Het merendeel kan dan ook geen werk zoeken zonder een huis, maar kan ook geen huis zoeken zonder werk om het huis mee te betalen. Een vicieuze cirkel dus. Diegene die wel een eigen stek kunnen betalen, worden vaak afgewezen omdat op hun referentiepapieren het OCMW vermeld is. Verder is er ook een permanent tekort aan donaties van spullen (vooral mutsen, sjaals, zakdoeken,..) en in sommige gevallen aan begeleiding.