Heel vaak hoor ik mensen zeggen dat “al die mensen die naar de kerk gaan, geïndoctrineerd zijn”. In veel gevallen denk ik ook dat het zo is (ik zou niet weten of ik ook naar de kerk zou gaan als ik het niet met de paplepel ingegoten had gekregen), maar ik weet ook zeer zeker dat het in bepaalde gevallen niet zo is. Ik probeer Ruben en Jochem uiteraard op te voeden en ze te leren over God, Jezus, noem maar op. Ze gaan regelmatig naar de kerk en dat is toch echt voornamelijk hun eigen keuze. Wat mijn keuze was (en een beetje van Jochem), was om ze ook een kijkje in een andere keuken te gunnen (tenslotte kun je pas echt zeggen dat iets niet je ding is, als je weet waar het over gaat). Natuurlijk kan ik niet hetzelfde vertellen als iemand die het boeddhisme aanhangt, maar de basisbeginselen lukken me wel.
Tempel van de duizend Boeddha’s
Niet ver bij de camping vandaan is een boeddhistische tempel gebouwd onder toezicht van, uiteraard, een Lama (en dan heb ik het niet over zo’n spugend beest) en is in 1987 ingewijd. Overigens werd de groepering die zich er “ophoudt” pas in 1995 officieel erkend in Frankrijk. Vorig jaar wist ik ook al van het bestaan van dit klooster af, maar zijn we er niet aan toegekomen om er te gaan kijken (en vond ik de jongens ook nog wel erg jong), maar dit jaar zag Jochem een foldertje bij de Office du Tourisme liggen en wilde er heel graag heen. Op naar de tempel dus.
De rit naar de tempel toe wordt door de jongens omschreven als een rit in de achtbaan. We komen aardig wat haarspeldbochten tegen en de glooiende wegen zorgen ervoor dat Ruben vraagt of ik de auto “ook kan laten vliegen”, net zoals de auto die achter Takel meegenomen wordt. Ik leg snel uit dat dat niet echt goed is voor de auto en dat we ook niet achter een takelwagen hangen, waardoor het ook niet echt mogelijk is. Hij zal het met de g-krachten moeten doen die ontstaan uit het heen-en-weer slingeren en op-en-neer rijden. Al van een afstandje zien we de tempel liggen, in een prachtig park waar we verscheidene mensen zien picknicken. Wij besluiten de auto bij de parkeerplaats neer te zetten en niet op het terrein zelf (dat vind ik dan weer iets te ;) ). Zodra we het terrein opgaan, gelden een aantal regels voor wat betreft huisdieren, maar de mooiste is toch wel dat er niet gerookt mag worden. Geen rookwalmen dus, wat je anders vaak wel vaak ziet bij plekken waar gepicknickt wordt (overigens wordt er op de parkeerplaats dus drie keer zo veel gerookt als normaal, maar dat nemen we dan maar voor lief). We zijn nog maar net het park in en het is tijd om een mooi plaatje te schieten:
Het is prachtig weer en het zonnetje zorgt ervoor dat alle gouden onderdelen extra stralen. Jochem vindt het prachtig “er zit echt goud op!”. We lopen een stukje door het park om iets verderop nog een mooi plaatje te schieten.
De jongens willen niets liever dan meteen de trap oprennen en kijken of ze de tempel in kunnen, maar ik vind het allemaal wat stilletjes, dus ik loop liever eerst nog wat door het park, om alles van alle kanten te kunnen bekijken.
In het winkeltje word ik al snel verlaten door Ruben, die de wierook buitengewoon vindt stinken. Hij wacht keurig buiten op het trapje, terwijl Jochem een kaart koopt waar de tempel opstaat vanuit de lucht. Hoe eerder ze het winkeltje uit zijn, hoe beter, want des te groter de kans dat we eindelijk te tempel in gaan.
Bij de tempel aangekomen kan ik ze nog net tegenhouden om de tempel daar binnen te lopen waar een vrouw de deuren aan het schilderen is en er in het Frans op een bord staat dat we daar niet naar binnen mogen. Gelukkig voor de jongens mogen we wel naar de eerste verdieping, waar een of andere schilder ook een expositie houdt. De schilderijen zijn zeker niet lelijk, maar zo’n tempel is wel even een wauw waard. Ik moet heel eerlijk zeggen dat ik niet alle Boeddha’s geteld heb, maar het zal me niets verbazen als het er inderdaad duizend zijn. Midden in de tempel staan drie grote Boeddha’s met ervoor allemaal fleurige, kleurige zitkussens (ook duizend?). Het benedengedeelte is pas ergens in de middag toegankelijk, met een gids die in het Frans ongetwijfeld een heleboel weet te vertellen, maar wat voor ons niet echt praktisch is, vandaar dat we het bij het bezoekje aan de eerste verdieping houden.
In de tempel mag uiteraard niet geflitst worden, vandaar dat de foto’s wellicht wat flets overkomen. Dit heeft niets te maken met de kras op mijn telefoontoestel, maar dus met die flits ;) De foto’s zijn gemaakt met mijn fototoestel namelijk. Als laatste plaatje een plaatje wat ik zelf bijzonder mooi gelukt vind, zonder te kijken naar enige artistieke of fotografische eisen aan foto’s ;)
We moeten ook nodig eens op bezoek bij de moskee en de synagoge. Gelukkig zijn die wat dichterbij huis!
Van alle markten thuis zijn: Tempel van de duizend Boeddha's Heel vaak hoor ik mensen zeggen dat "al die mensen die naar de kerk gaan, geïndoctrineerd zijn".