seen from United Kingdom
seen from United States
seen from India
seen from Netherlands
seen from Netherlands

seen from United States
seen from Türkiye
seen from Netherlands

seen from Bangladesh
seen from United Arab Emirates
seen from Russia
seen from Russia
seen from Netherlands
seen from Singapore
seen from Australia
seen from Bangladesh
seen from United States

seen from United States
seen from Venezuela

seen from Libya
Een verhaaltje voor een ieder die even wil ontsnappen aan dagen vol stress, angst, verdriet of pijn. Een verhaaltje voor een ieder die even naar iets anders luisteren wil dan de dagelijkse gesprekken met familie, collega’s en vrienden.
Een verhaaltje voor een ieder die zich eenzaam voelt in deze vreemde tijd. Een verhaaltje voor een ieder die het horen wil.
-
Een verhaaltje uit het boekje ‘Een hart onder de riem’ van Toon Tellegen. Voorgelezen door mij, Muis.
Een passage van vijf minuten uit het boek ‘Zoals jij bemint’ geschreven door Susan Smit, voorgelezen door mij.
En ze blijven stralen, ook als het regent
Hoe erg ik ook mijn best had gedaan om op tijd te vertrekken van huis, het lukte mij gewoon niet. Vlak voordat ik weg moest, ontdekte ik dat ik mijn trui binnenstebuiten aan had, dat kostte mij vijf extra minuten. Ik kreeg het schuurtje niet van het slot, plus vijf extra minuten. Toen ik eindelijk op de fiets zat kwam ik erachter dat mijn huissleutel nog binnen lag. De deur had ik achter me dichtgetrokken.
Shit.
Mijn oren vingen het vrolijke gefluit van de vogeltjes op en er verscheen een glimlach rond mijn mond. Ik fietste over kleine paadjes omdat ik er niet veel voor voelde om bijna aangereden te worden door veel te hard rijdende auto’s.
Mijn fietslampen waren al maanden kapot.
De velden vol zonnebloemen trokken mijn aandacht en ik besloot om even af te stappen. Ik was toch al veel te laat. Mijn gedachten liet ik op de vrije loop en niet veel later kwamen ze uit bij jou. Jij zou dit prachtig hebben gevonden.
Velden vol jou.
Ik legde mijn fiets in het hoge gras naast het fietspad en ik ging zelf midden op het pad staan. Achter de velden kwam een waterige ochtendzon langzaam omhoog gevolgd door een zee van donkergrijze wolken. Ik voelde een druppel op mijn arm. En op mijn gezicht.
Regen stortte op jou neer.
Minuten lang bleef ik zo staan in de regen. De tijd was ik al helemaal vergeten. Ondanks de grijze wolken en de dikke druppels bleef de zon schijnen.
Iets wat jij ook zou doen.
De kleur van de zonnebloemen leek feller dan eerst. Aanweziger. Ondanks de regen lieten de zonnebloemen hun blaadjes niet knakken.
Iets wat jij niet zou laten gebeuren.
Bij jezelf. Jij zou ook ijzersterk in de keiharde regen blijven staan. Je zou er misschien even bij gaan zitten omdat je benen moe worden, maar daarna zou je weer dapper opstaan en verder gaan.
Iets wat ik bewonder.
Ik stond nog steeds midden op het pad. Mijn fiets lag nog steeds in het hoge gras. Rond mijn voeten was een plasje ontstaan door de regen. Druppels rolden over mijn gezicht.
Ik deed geen moeite.
Daar waar ik de hoop allang opgegeven zou hebben, zou jij vechten tot je niet meer kan. Daar waar ik allang was gaan zitten, bleef jij net iets langer staan. Daar waar ik mijn blaadjes allang zelf had geknakt, deed jij je uiterste best om dat niet te laten gebeuren. Ik voelde de behoefte om te vechten niet meer zo.
Jij wel.
De zon en de regen hadden samen een regenboog gevormd boven de velden vol zonnebloemen. Iets wat wij samen hadden kunnen doen. Ik zou dan de regen zijn en jij de zon, niet omdat ik de zon niet wil zijn, maar omdat jij gewoon net iets positiever bent. Samen wordt het mooi. De zon en de regen.
Net als wij.
De druppels werden zachter en daarna trok de bui langzaam weg. De zonnebloemen stonden nog fier overeind, alsof er niets met ze was gebeurd.
Zelfs in de regen bleven de zonnebloemen stralen.
Net als jij.
Hoi leven,
Je bent zo zwaar op mijn schouders en ik weet niet hoe ik jou draaglijker moet maken. Mensen zeggen altijd dat we moeten genieten van het leven en dat het leven mooi is, maar waarom zie ik dat niet? Waarom ervaar ik dat niet zo? Doe ik iets verkeerd?
In mijn geval gaat het leven altijd over anderen en niet over mezelf terwijl het juist over mezelf zou moeten gaan, want we leven immers voor onszelf. Ik kan het nauwelijks over mijn hart verkrijgen dat ik voor mezelf kies of dat ik voor mezelf leef.
Het leven gaat over keuzes maken en zorgen dat je op het juiste pad blijft, ook al gaat dat met omwegen. Ik ben bang dat ik als ik een keuze maak het de verkeerde is, dus ik kies maar gewoon niet. Daarom sta ik al heel lang stil op een kruispunt op dat bewuste pad. Omringt met stemmen van anderen, omringt met paden die allemaal een andere richting op wijzen. Het leven blijft maar drukken op mijn schouders. Mijn schouders doen er zeer van.
Terwijl ik daar sta, schieten de levens van anderen aan mij voorbij. Ook die van de mensen die mij het liefst zouden willen meenemen, maar ik lijk onbereikbaar terwijl mijn binnenste blijft schreeuwen. Een onhoorbare schreeuw.
Sinds een hele tijd is alles een puinhoop en lijkt het leven nog zwaarder te drukken op mijn schouders en dat straalt door naar de rest van mijn lichaam. Het lichaam waar ik mee moet leven en het lichaam waar ik eindelijk mee kán leven.
Mensen zeggen tegen mij dat alles goed komt en dat ik moet blijven vechten. Vroeger vond ik het fijn om dat te horen, maar de laatste tijd lijk ik verbitterd over de positieve dingen die anderen hebben te melden over mijn leven. Van complimentjes moet ik huilen en lieve woordjes komen keihard binnen.
Terwijl mijn binnenste nog even blijft schreeuwen, probeer ik langzaam stappen te zetten. Het mag dan langzaam gaan, maar ook dan kom ik er wel.
Dag leven, ik zal iets van je proberen te maken.
Dag jij,
Het is nu alweer een poosje geleden dat wij elkaar voor het laatst spraken. Het was overduidelijk dat je niets meer van mij moest weten. Maar waarom zei je dat niet gewoon? Je had het gewoon kunnen zeggen. De laatste berichten die ik van jou heb gelezen waren zorgwekkend. Maar was het mijn taak om bezorgd te zijn? Geen idee maar ik kan je wel zeggen dat ik bezorgd was. Met de dag een beetje minder.
Het is nu alweer een poosje geleden dat het ontzettend slecht met je ging. Net toen ik dacht dat alles goed zou komen met jou, ging het mis en ik had er geen controle over. Die controle had ik daarvoor al weggegeven aan jou. Jij bent de enige die de controle moest hebben. Je hebt het voor je op de grond kapot gesmeten. Dat laatste beetje controle. Gewoon kapot gesmeten en je hebt opgegeven.
Het is nu alweer een poosje geleden en ik weet niet waar je bent. Wat je doet. Of je er überhaupt nog bent. Maar ben ik degene die zich daar zorgen om moet maken? Je hebt wat je wilde op het laatste moment. Op dat moment wilde jij mij niet meer in je leven. Ik begrijp het. Te pijnlijk. Te confronterend. Maar waarom moest het nou weer zo gaan? We gaan altijd op deze manier uit elkaar.
Het is nu alweer een poosje geleden en als je er nog bent, hoop ik oprecht met heel mijn hart dat je jezelf en anderen gelukkig kan maken. Want jij verdient het ook om gelukkig te zijn. Met jezelf. Met je omgeving. Met de dingen die je doet en met de dingen die je nog wil gaan doen. Ja, ik hoop dat je op een dag net zo gelukkig wordt.
Laat iets van je horen als je er nog bent. Gewoon om te laten weten dat je nog vecht. Dat je nog niet hebt opgegeven.
Liefs,
Bloementuin.
Ik wil leren om overal in mijn ziel de mooiste bloemen te planten en ze goed te verzorgen, zodat ik mijn eigen inwendige bloementuin kan creëeren. Maar hoe doe ik dat als er vooral veel onkruid groeit? Ik wil al het onkruid uit mijn gedachtes wieden, maar het lijkt wel alsof ik door al het onkruid mijn zonnebloem beginselsen niet meer zie en de verkeerde planten water geef. En uiteindelijk zullen ze allebei groeien. Misschien moet ik maar genoegen nemen met brandnetels. Ze geven immers een teken van leven weer. Zolang ze de andere planten niet overwoekeren is het misschien wel nuttig om onkruid in je tuintje te hebben. Ik las dat kamille, madeliefjes, paardebloemen en boterbloempjes allemaal soorten onkruid zijn. Die vind ik eigenlijk helemaal niet zo rot. Zo gaat dat ook met nare herinneringen. Ik wil ze zo graag weghalen, maar ze zijn er nu eenmaal - net als onkruid-. Dus misschien moet ik ze maar met rust laten in plaats van mij telkens te steken aan mijn brandnetels. Misschien moet ik mijn onkruid gewoon laten staan in plaats van te tobben over wat de buren van mijn tuintje vinden. De zonnebloemen zullen er bovenuit steken en de vergeet-mij-nietjes (ironisch genoeg overigens ook onkruid) zullen niet vertrapt, geplukt of vergeten worden. Zij maken onderdeel uit van mijn tuin. Zij geven immers een teken van leven weer.
Een stukje geschreven door de liefste @luchtkusjes
Voorgelezen door mij
Een stukje geschreven door @goudzwart (volg hem ook meteen even)
Ik mis je Ik mis je stem Waarvan elke lettergreep een noot was op de piano Ik mis hoe je met je zinnen De snelheid van de trommels dirigeert En zo mijn hart sneller laat slaan Ik mis je haar Waar telkens als ik mijn gezicht in begraaf De harp wordt gespeeld in mijn hoofd Ik mis je Ik mis je Zonder jou zijn het enkel instrumenten zonder dirigent