, totaal irrationeel maar door en door humaan,
seen from United States

seen from United States

seen from Chile

seen from Australia
seen from United States
seen from United States

seen from United States
seen from United States

seen from United States
seen from Brazil
seen from United States
seen from Japan
seen from China

seen from United States

seen from Malaysia

seen from United States

seen from Canada
seen from Australia
seen from Malaysia
seen from United States
, totaal irrationeel maar door en door humaan,
een nostaglie naar een wereld waarin het individu even zeldzaam als rationeel was.
Met emoties waren met zijn woorden verstrengeld als draden in een weefgetouw.
Bovendien: hoe vaak hakkelen we de waarheid niet, buitelen we door onze gedachte, gaan we onderuit in woorden, missen we de kern van wat we precies willen zeggen? Er is iets mis met taal, met het weefsel ervan, een grofmazigheid, een gebrekkig net. Het ontbreekt taal aan fijngevoeligheid - woorden zijn niet trefzeker genoeg. Je kunt met geen enkel woord, zoals een scherpschutter met zijn geweer en kogel, tegelijkertijd genoeg afstand nemen om het geheel te overzien en perfect inzoomen: het kruis precies plaatsen waar het hoort. Raak schieten. Je ontkomt er niet aan dat taal opbreekt en verdeelt wat niet opgebroken of verdeeld kan worden. Je ontkomt er niet aan dat taal netjes maakt wat niet netjes is. Niet alles wat werkelijk is, kan door taal gevat; niet alles wat kan gedacht, noch alles wat wordt gevoeld. Veel van wat wij zijn, zwemt door de taal heen. Ze weet dit instinctief, dat woorden haar niet vangen, net zomin als het geruis van gebladerte de boom beschrijft, maar ze krijgt het niet duidelijker gezegd dan met die woorden.
het genot van de vrijwillige ontbering
Want sommigen moeten wel dwaalwegen inslaan omdat er voor hen helemaal geen rechte weg bestaat.
De laatste tijd draaide de hele wereld om dat ene woord, 'brood'.
Ze had het vrijwel nooit over mijn vader, zelfs tegenover Mehmet en mij; ze sprak zo zelden over hem dat zijn gezicht na een tijdje voor ons verrees als het gezicht van een vreemde of het gezicht van iemand van wie we lang geleden veel hadden gehouden, maar die we nu slechts vaag voor ons zagen en herkenden. Er waren hele tijden dat we hem totaal vergaten en dat we ons niet konden voorstellen dat hij ooit weer thuis zou zijn. Het massieve witte huis dat hij voor zijn gezin had gekocht, leek nu een vrouwenhuis en het vereiste een oudere fantasie dan de mijne om het terug te geven aan mijn vaders luierende gestalte of mijn ooms gelach. Mijn opa stond inmiddels heel ver van ons af. Hij hoorde niet in dit huis thuis; hij had nooit geweten dat het bestond. Hun mannelijke gestalten waren nu vervaagd en werden elke dag nog iets vager, terwijl ze ons met hun spookachtige handen gedag zwaaiden.