Ik zou vernieuwing dan ook liever zien als stilstand te benaderen vanuit een ecologische kringloop. Op het moment dat wij dingen als nieuw bestempelen, spreken wij slechts onze beperkte voorkeur uit. Een steen verandert ook. Het is maar vanuit wat voor tijdsspanne je daar naar kijkt. Voor mij is vernieuwing het gevolg van doen. En ben je eigenlijk terug aan het kijken als je aan het woord nieuw denkt.
Hoe vernieuw jij zelf in je vakgebied?
“Laten wij tezamen enorme bloemkolen zoeken.” schreef Toulouse-Lautrec. Ik wil alles zelf doen en heb last van megalomane plannen. Maar vooral door alles zelf te willen doen, loop ik continu tegen mijn eigen grenzen aan. Dan loop ik vast en moet ik advies inwinnen, boeken lezen, googlen of samenwerken met mensen die beter zijn in bepaalde dingen dan ik. Dat geeft mij inspiratie. En dan is het elke keer zo dat ik de hemel wil bestormen, maar door de aardse zaken gedwongen wordt om de vastgeroeste ideeën waar ik mijn projecten mee begin, bij te stellen. Dat ik niet alles zelf kan. Zelfs niet met een mobiele aansluiting op de virtuele wereld. En ondertussen is het zo dat door de diversiteit van mijn werkzaamheden (ik bouw zelf de keuken, de eetgelegenheid, kook, pluk en raap ingrediënten, maak sculpturen, teken, ontwerp, schilder, fotografeer en schrijf) telkens nieuwe combinaties ontstaan. Om dingen te doen die ik zelf nog nooit gedaan heb. Dan blijkt het budget niet toereikend te zijn. Dan blijkt dat er niet genoeg tijd is. Of dat ik niet het juiste gereedschap of de juiste kennis heb.
Als ik dan vast zit, ga ik wandelen, zwemmen, of ga ik paddenstoelen plukken met Pek van Andel. De man die serendipiteit predikt in een academische wereld. Dan rijden wij, op zoek naar weidechampignons en berkenboleten, in zijn oude Eendje door het Groninger platteland en vertelt hij over alles wat hij weet en ziet. Van de hak op de tak. Meestal weet ik dan niet zo goed wat ik met al die informatie moet. Maar vaak is het zo, dat deze vroeg of laat een plekje vindt. Begrip is vaak langzamer dan de wil. En op het moment dat ik het niet meer weet, probeer ik beter te leren kijken, voelen, ruiken en proeven. “Wist je dat ze Mozart draaien in de robotstal?” mompelt Pek dan tussen neus en lippen, als we over het urbane platteland rijden. En als ik dan nog meer niet weet, luister ik naar boeren, architecten, koks, kunstenaars, vormgevers, wijze mannen en vrouwen. Waar ik dan mee samenwerk, waar ik naar luister of waar ik ruzie mee maak. Om het denken te stimuleren. Maar ook om de projecten gerealiseerd te krijgen.
Kun je een recente ontwikkeling noemen die grote indruk op je heeft gemaakt?
Ik word vader. En dat zet alles op zijn kop. Dat doet mij realiseren, dat alles wat ik nu doe gevolgen heeft voor een volgende generatie. En dat wij slechts kleine beestjes zijn die ons voortplanten. Binnen de keuken is er nu gelukkig weer een grote interesse voor natuurlijke ingrediënten. De smaak zelf. Dat is grotendeels te danken aan Noma in Kopenhagen. En de snelle verspreiding van kennis door het internet. Wildplukken en regionale producten zijn heet. Kleinschaligheid krijgt weer aandacht. En dat is een groot goed.
Welke innovaties zullen volgens jou de toekomst bepalen?
Google-glasses ben ik bang. De gevolgen van de vermenigvuldiging van de eigen ik in de digitale wereld. En het dupliceren van onszelf met nog snellere communicatiemiddelen. Maar om de koe bij de hoorns te kunnen vatten moet men natuurlijk wel de hoorns op de koe laten groeien en luisteren naar de intrinsieke ritmes van de natuur. Om deze daarna te leren begrijpen en te gebruiken zonder ze te verkrachten. Om met je mobieltje in de hand wereldwijd als een nomade te kunnen leven, maar deze op de juiste momenten uit te kunnen zetten. Dan hoop ik dat wij de Google-glasses massaal links laten liggen. En af en toe wat meer tijd besteden in het hier en nu. Waar verveling, toeval en onbegrip misschien wel lijden tot plekken in de stad waar het ritme van de natuur en de natuur van de mens iets meer plek hebben. Waar we misschien iets meer tijd nemen voor de noodzakelijke dingen. Eten, drinken, vrijen, poepen en plassen. Waar de limiet van de eigen ik misschien bevredigender is.
*Beeld: foto door Simon Wald-Lasowsky, kostuum door Maria Hendriks & Bonno van Doorn voor KDA.