De eerste vrijdag van maart was ik aanwezig bij de verjaardag van een vriend. Het is niet gemakkelijk het eerste cijfer van je leeftijd te moeten veranderen. Mensen gaan daar verschillend mee om. Ik vier al vier jaar dat ik negentien wordt. Mijn copingstrategie is ontkenning.
Rik pakte het op een andere manier aan. Hij vierde zijn feest met het thema "De dood van mijn jeugd". We kwamen in zwarte kleding opdraven, schreven in het condoleanceregister, sneden de somberheerlijke cake aan en waren aanwezig bij de grafrede.
Een onderdeel van mijn cadeau was een verhaal. Dit verhaal gaat over een wereld waar mensen om de tien jaar van omgeving wisselen (met hier en daar wat losse regels). Het zit vol onderonsjes en vage verwijzingen, maar wie weet is het toch vermakelijk om te delen.
Rik! Gefelidoleerd... Geconciteerd... Uhm... Hoi?
Hetweiland van de Twintigers
In de verte zag je de kleurrijke boog waar je jaren geleden doorheen was gelopen. Wat daarachter lag zijn slechts vage herinneringen. De laatste jaren basisschool, je gehele middelbare school en een deel studeren.
Waar zijn alle herinneringen naartoe? Zijn ze verdronken? Zijn ze opzij gedrongen door nieuwe momenten? Waar zijn ze?
Toen je daar jaren geleden naar binnenkwam, was je met zoveel verschillende soorten mensen. De een had al een kind, de ander was getrouwd, maar het merendeel werkte of studeerde. Iedereen aan die zijde van het weiland was druk bezig met zichzelf. Ze sprongen op en neer en speelden als kinderen. Een schouwspel van koolzuur springend in een glas cola. Met weinig interesse staarden ze naar de poort aan de andere kant waar allerlei Ervaren Twintigers stonden. De E.T.’s. Ze keken zuur. Ze leken in de rouw.
Bij de zwarte boog lagen zitkuilen voor de E.T.’s. Eén zitkuil was leeg, op Rik na.
‘Gaat het?’ vroeg Daniel. Hij was het hele weiland overgelopen.
Rik keek op, een fles Spaanse Rode in zijn hand. ‘Ja,’ zei hij. Zijn ogen keken angstig naar de zwarte poort.
‘De rest is al weg, of niet?’
Hij knikte wederom.
Daniel staarde naar de poort waar hij zelf nog niet zo lang geleden was uitgelopen. Een magisch gordijn van felle kleuren en glitters. Een fase van volwassenheid met haalbare verantwoordelijkheid. De volgende poort was van onyx. Een zwart gordijn hing daar, af en toe beroerd door de wind. Het gordijn van een podium, maar de spelers kwamen nooit op. Ze verdwenen, ze gingen af.
‘Wanneer ga je?’
Hij keek op zijn horloge. ‘Zo direct.’ Zijn kleding was gepast. Nette herenschoenen, een spijkerbroek, overhemd en colbert; alles in het zwart. Alhoewel, niet álles was zwart. Op zijn borst zat een zilveren broche met stenen zo rood als de wijn in zijn hand. De broche had de vorm van een huisje.
‘Niet alles is zwart,’ merkte Daniel op.
‘Ze hadden geen appartementjes,’ merkte Rik droogjes op.
Daniel haalde zijn schouders op. Het idee was meer dan genoeg. ‘Mag ik?’ vroeg hij wenkend naar de wijn. Rik overhandigde hem de fles.
Het spul smaakte afschuwelijk, maar de smaak was verbonden met herinneringen aan feestjes, uitbundigheid en overweldigende muziek. Na twee slokken gaf hij de fles terug.
‘Heb je er zin in?’
Rik keek hem aan, maar antwoordde niet. Alles was zwart en het verleden was vergaan, toch kwam de lente altijd na de winter; zoals het zo clichématig verteld kon worden.
Hij stond op. Nam een paar flinke slokken uit de fles en gaf hem terug aan Daniel. Met zijn lange benen stapte hij de zitkuil uit en liep hij naar de poort.
‘Ik zie je nog wel eens,’ zei hij.
Het gordijn kwam in beroering door onvoelbare wind en geluidloze fluisterstemmen. Het drapeerde zich als een mantel om hem heen.
Hij was weg. Het gordijn hing er weer roerloos bij. Daniel liep terug naar het begin van het weiland. De plaats waar het gras nog groener leek. Waar zou hij gaan zitten? De Buitenbibliotheek van de Bijna Afgestudeerden? De Post-Tiener-Pokémon-Gamezaal? Zwemmen in het meer van Langdurige Relaties? Een bioscoopmiddagje met Hoe anderen het deden? Eigenlijk had hij nergens zin in. Hij liep naar een leeg stukje gras en goot een klein beetje Spaanse Rode over de grond.
‘Hier is het gras niet langer groener,’ zei hij tegen niemand in het bijzonder. ‘Achter het zwarte gordijn moest het gras mooier zijn dan deze plek.’ Daar bleef hij een tijdje staan drinken.
‘Op jou Rik. Wijlen het Weiland van de Twintigers.
Hoewel Rik al een aantal jaren een E.T.’er was, had hij zich nog nooit zo buitenaards gevoeld als toen hij achter het gordijn tevoorschijn kwam. Het land dat hij betrad was werkelijk nog wonderbaarlijker dan het Weiland van de Twintigers. De Stad van de Dertigers was een modern bouwsel waar Zaha Hadid nog een puntje aan kon zuigen. De mensen die er rondliepen waren druk bezig met het vergroten van de wereld. Sommigen deden dit door kinderen te brengen naar de Speelplaats voor de Pre-Tiener. Anderen deden dit door musea, bibliotheken en galerijen te bouwen. De werklocaties waren overweldigend en iedereen, bewust of onbewust, maakte deel uit van deze stad.
‘Rik!’
Rik schrok van het harde geluid. Met open mond had hij naar de stad gekeken. Hij had niet gezien hoe een lange, zwartharige jongen op hem af was gekomen.
‘Yorgo!’ riep hij. ‘Jij ook hier?’
Hij lachte. ‘Natuurlijk. Alweer bijna een jaar. Je hebt behoorlijk wat gemist.’
Rik wilde niet weten wat hij gemist had. Hij wilde weten wat er te beleven viel. Yorgo nam hem mee. Van wijnproeverij tot wijnproeverij kwamen ze uiteindelijk tot stilstand voor een laag gebouw. Het leek ergens wat op een boot. Het gebouw was wit, met veel ramen en talloze golvende lijnen. Boven de ingang prijkte het logo van het bedrijf. Rock9 Design.
‘Dit hele gebouw is van Rock9?’
Yorgo lachte hem uit. ‘Van Rock9? Natuurlijk niet! De helft maar. De andere helft is voor een bedrijf als Van Wolf en de Mol. Er zitten behoorlijk wat dochterbedrijven.’
‘Dochterbedrijven?’
‘Natuurlijk. Als je dertig bent, mag dat.’
Rik wilde al naar binnen lopen, maar werd tegengehouden. ‘Ho even! Dat kan altijd nog. Nu je hier bent is het tijd voor feest.’
Ze liepen naar de rand van de stad waar een hoge toren de locatie van de beste uitgaansgelegenheden was. Op de drieëntwintigste verdieping was een discotheek waar de drank al klaarstond en de muziek nooit verstomde.
Roel verwelkomde hem als eerst. ‘Heb je er zin in?’ vroeg hij en Rik beaamde dat.
Stephan kwam als tweede. ‘Goed dat je er eindelijk bent. Als je nog langer had gewacht, dan was ik hier al weggeweest.’
Rik liet zijn schouders hangen. ‘Dat betekent dus…’
Stephan knikte. ‘Aan het einde van de stad is een poort, ontworpen door jouw bedrijf. Dick is er al doorheen gegaan.’
Dat betekende dat hij veel mensen niet zou zien. Met hangende schouders ging hij kijken wie hij nog wel kon ontmoeten. Hij zag iemand die hij niet verwachtte.
‘Thierry? Thierry wat doe jij hier?’
Hij grijnsde. ‘Big Brothers watching you! Gewoon zorgen dat hij niets te zien krijgt, dan kun je overal komen. Ik loop gewoon door elke poort heen. Alleen de Pre-Tienerpoort laat me niet meer toe.’ Hij leek daar oprecht verbaasd over.
‘Dus als ik mijn verjaardag niet deel…’
‘Dan is het of je nooit hebt bestaan. Zelfs je telefoon trekt zich er dan niets meer van aan.’ Hij liet zijn telefoon zien. ‘Ik kan helaas niet lang blijven. Grindr geeft aan dat er een E.T.’er op me wacht. Ik spreek je nog wel.’ Thierry zoende hem driemaal op zijn wang en ging er toen vandoor.
Het feestje bleef doorgaan.
Vele uren later kwam Rik thuis. Slaperig strompelde hij zwierig door de vreemde straten. Hij wist niet waar hij uit zou komen, maar zijn beneveling hielp hem op weg.
De omgeving mocht dan veranderd zijn, gevoelsmatig leek alles hetzelfde. Hij was nog altijd die Extra Terrestrial, al hoorde hij wel op aarde. Zijn zwarte kleding was besmeurd met felle kleuren. Alleen zijn broche, die zacht oplichtte, was schoon gebleven van het kleurengeweld. De broche werd feller en feller naarmate hij dieper de stad in liep. In de verte ontwaarde hij een huisje. Het huisje was schots en scheef en gemaakt van dezelfde metalen als alle andere gebouwen. Hoewel het bewoonbaar was, leek het nog niet af. Alsof het wachtte tot iemand het zou vertellen hoe hij compleet kon zijn.
De deur zwaaide open en Jorrit stond in de deuropening.
‘Jij ook hier?’ lachte Rik vrolijk.
‘Ik ben waar jij bent. Gewoon liegen over je leeftijd op Facebook.’ Hij knipoogde. Het voorwerk was door hem gedaan de afgelopen maanden. Regelmatig was hij tussen de wereld geswitcht om Rik te verrassen. Om de eerste schetsen te maken. ‘Kom je binnen?’
Rik knikte en strompelde over de drempel.
De andere poort
Jaren gingen voorbij en Rik vermaakte zich prima in de Stad van de Dertigers. Hij had geen behoefte om rond te reizen tussen de locaties. Hij was alleen maar bezig de stad nog groter en nog mooier te maken. Hij snapte niet hoe hij ooit tegen dit fenomeen op kon zien. Terwijl de Twintigers altijd tegen de Zwarte Poort opkeken en bang waren voor de toekomst, scheen hier niemand te weten dat er een tweede poort was. Verborgen achter torenhoge bouwwerken zag niemand hem ooit. Waarom zou je je er dan druk over maken?
In de jaren dat ze er woonden, trokken Rik en Jorrit steeds verder de stad in. De nieuwe huizen die ze bewoonden waren telkens groter en overweldigender.
Rik vierde uiteindelijk zijn achtendertigste verjaardag. Het trucje van Thierry was op dat moment al weid verspreid en mensen van alle gebieden kwamen op bezoek. Dick en Stephan konden gemakkelijk langskomen. Yorgo en Roel hadden nog altijd alle recht er te zijn en Thierry zelf kon moeiteloos overal komen. De scheidslijnen werden steeds dunner. Misschien had het ermee te maken dat oudere mensen minder verschilden. De levensfasen waren hier anders.
Na een geweldig feest dat niet alleen plaatsvond in zijn huis, maar in alle straten van de Stad van de Dertigers, strompelde Rik wederom door de straten. Had hij zich zijn eerste avond kunnen herinneren, dan was het tafereel hem bekend voorgekomen. Nu ging hij echter niet naar het geschetste huisje of naar zijn eigen huis, maar kwam hij aan bij een gigantische poort. Deze poort had massieve, houten deuren die vastgeslagen waren in een stenen omhulsel. Rik had nog altijd niet over zijn leeftijd gelogen, wat betekende dat je normaal gesproken niet door de poort kon komen.
Wie door deze poort wilde gaan, moest accepteren dat hij ouder werd. Rik had dit de laatste jaren geleerd zonder het te merken. Hoewel hij nog geen veertig was, lukte het hem de poort te openen. Daarachter, in de kier, stond een fles Spaanse Rode. Om het etiket waren bladeren gewikkeld.
Hij ontvouwde het verhaal en begon het te lezen. Helemaal onderaan stond een locatie waar hij naartoe moest komen.
De beneveling was voor een groot deel opgeheven toen hij bij de poort kwam waardoor hij jaren geleden naar binnen was gekomen.
Naast de poort stond een huisje van simpel hout. Hij keek door het raam en zag eindeloze boekenkasten staan. Het huisjes moest gebouwd zijn op de grens en doorlopen in het Weiland van de Twintigers.
Hij klopte aan. Daniel maakte met een grijns open. ‘Heb je de fles Spaande Rode bij je?’Rik liet hem de fles zien en werd binnen gelaten. Hij ging zitten op een grote, rode stoel. Op de televisie speelde een film met dinosaurussen. Daniel kwam aanlopen met twee wijnglazen en ging zitten op een lage bank.
‘Goed dat je er eindelijk bent,’ zei Rik.
‘Goed om er te zijn. Ik had het eigenlijk niet verwacht. Toen ik hoorde dat je kon liegen over je leeftijd wilde ik eigenlijk weer negentien worden, maar ben al die jaren gewoon blijven zitten in de zitkuil.’
‘Kon je niet eerder langskomen?’
Daniel schudde zijn hoofd. ‘Nee. Ik kon mezelf niet ouder liegen. Dat kreeg ik niet voor elkaar. De poort is trouwens veranderd. Hij ziet er niet meer zo mooi uit als vroeger. Het gordijn is vaal geworden en zit vol scheuren vanwege de mensen die erdoorheen zijn gelopen.’
‘Je bent toch in juni jarig? Dan ben je hier toch al een tijd?’
‘Jawel, maar ik moest eerst mijn boeken indelen, vandaar dat het even duurde voor ik contact met je op kon nemen.’
‘Maar als je eerlijk bent over je leeftijd, hoe komt die fles dan achter de poort?’
Daniel lachte. ‘Thierry,’ gaf hij als alomvattend antwoord.
‘Ik dacht dat jij niet meer schreef,’ zei hij wenkend naar de boekenkasten.
‘Er kan veel veranderen,’ zei Daniel. ‘Mijn ogen waren op het verkeerde gericht. De man die mijn ogen opende, kreeg dit door en heeft mijn hoofd ook bijgesteld. Schrijven heeft daardoor een andere betekenis gekregen.’ Hij schonk de glazen voller in dan nodig en nam direct een slok. Rik volgde zijn voorbeeld.
‘Dit is geen Spaanse Rode,’ merkte hij op.
‘Nee, dit is Red Dragon van de Albert Heijn. Die Spaanse Rode is niet te zuipen.’
‘Wel goede herinneringen,’ kaatste Rik terug.
‘Nu tijd voor nieuwe herinneringen. Postdertigers herinneringen.’
‘Geen YAPO?’
‘Geen YAPO,’ zei Daniel vlug. Daar proostten ze op.
Kon je er enigszins wijs uit worden? Chapeau! *plaats hier tegeltjeswijsheid als: "Ouder worden is onvermijdelijk, maar volwassen worden een keuze" en "Je bent zo jong als jij je voelt."*