Ik heb dit blog heel veel geleerd over de filosofie ( dat het niet alleen maar “zweefteferig’ gedoe is) ook over filosofen wat zij vonden en waarover ze geschreven hebben, ik heb geleerd hoe je een blog moet maken. Ik heb veel geleerd over de ethiek en kennis leer enz.
Reflectie: Ik vond het best wel een leuk blok omdat het best vrij was en weer een een andere manier van inleveren! Ik vond ook het Pay It Forward principe leuk omdat ik dat nog nooit op die manier had gedaan. ( ik doe wel vaak dingen voor anderen btw :) ) ik denk dat het best goed is gegaan omdat ik alles wat ik wilde erin heb gezet en ik denk dat ik wel genoeg informatie over alles heb gegeven.
Als ik terug kijk naar dit blog ben ik er best wel trots op!
rationalisme opvatting is: kennis is aangeboren en ware kennis komt voort uit claimtester logica.
les 2.
Plato: goden en rationalisme. Iedereen heeft een ziel uit de hemel. Hij geloofde in reïncarnatie, er is een ideeënwereld.
Aristoteles: die geloofde hier niet in, hij geloofde in het empirisme.
- ervaringen, geen aparte ziel.
Berkeley: zijn is waargenomen worden. als er een boom in een bos omvalt en niemand heeft het waargenomen, maakt het vallen dan nog geluid?
het bestaat volgens hem dus als het is waargenomen.
esse est principi.
Kant: ding an sich andenkbaar, dingen op zichzelf
hij voorspelde hoe waarneming blijkt te werken door hersenscans. Je hebt een boom, die neem je waar met je hersenen, verschillende vakjes voor kleuren, vormen, tijd enz.
Je weet niet hoe hij er uit ziet omdat je met je hersenen waarneemt.
Plato leefde in Athene.
directe democratie.
2 redenen waarom democratie niet goed is:
1. politici zijn te dom ( plan: 40-jarige opleiding tot politicus)
2. volk is te dom, laat zich meeslepen in emoties.
Plato ziet filmpje geenstijl.nl tweet: het #volk laat zich meeslepen in hun #emoties. De #politici hebben nog een zware opleiding nodig.
eutopia= eu - goed, topos = plaats plaats die niet bestaat.
les 3.
contractfilosofen
natuurtoestand: situatie waarin er geen staat is dus zonder wetten en regels.
-Hobbes: natuurtoestand was klote want iedereen kon elkaar afmaken.
1. Ik heb bij mijn oma het onkruid uit de tuin gehaald omdat ze het nog heel lekker vind om in de tuin te zitten en ze zit veel binnen dus het is fijn voor haar als haar tuin er mooi uit ziet. Ondertussen waren mijn oma en moeder boodschappen aan het doen. Toen ze thuis kwamen zei mijn moeder: zullen we even in de tuin in het zonnetje gaan zitten? Toen ze de tuin in kwam reageerde ze heel verrast en vond ze het heel mooi geworden ook vond ze het heel lief dat ik dat voor haar had gedaan.
2. Dierendag!! voor dierendag heb ik mijn hond een zalmkluif gegeven ze reageerde heel hongerig en blij :) tenminste ik denk dat ze er blij mee was... ze had het wel snel op dus het was vast lekker.
3. Ik heb voor mijn moeder gestofzuigd en gedweild omdat de hond allemaal pootafdrukken had gemaakt op de vloer. Toen mijn moeder het zag was ze heel erg blij en ze vond het leuk dat ik dit pay it forward principe had gedaan.
Ik denk dat het pay it forward principe echt super goed werkt, ik vond het echt super leuk om de reactie van iedereen te zien. Als zij zo blij zijn wordt ik er zelf ook blij van en best trots op wat je hebt gedaan.
Hobbes: Ik denk dat Hobbes er niet zo veel mee had omdat hij vond dat mensen tegen over elkaar wolven zijn. Dus dat als je iets goeds deed dat niet echt was. Ik ben het niet eens met zijn manier van denken, zijn filosofie vind ik best lastig te beschrijven maar hij denkt dat een mens alleen een machine is van vlees en bloed en dat we in natuurtoestand alleen maar oorlog voeren. Ik denk niet dat dit waar is.
Ik leef goed door (zover ik kan) zoveel mogelijk mensen te helpen, we eten ook geen plofkippen enzo maar wel gewoon vlees, we scheiden het afval en we steunen vaak goede doelen met collectes. Dit hoort denk ik bij de etnische stroming: respect voor het leven van Albert Schweitzer omdat hij zegt: 'Goed' is het leven beschermen en behouden, het leven bijstaan en tot ontwikkeling brengen.'Kwaad' is het leven benadelen, beschadigen, onderdrukken of vernietigen. dat past wel bij mijn manier van leven denk ik.
Ik vindt een samenleving ideaal als iedereen normaal met elkaar om gaat en er geen gevechten zijn enz. En dat iedereen gelukkig is met alles wat hij of zij heeft. Ook zou ik dan overal vrijheid van meningsuiting willen.
in het eerste filmpje gaat het over Oost en West Berlijn dat niemand zijn eigen mening mag geven of mag gaan en staan waar hij of zij wilt, als je weg wilt uit je eigen deel van de stad wordt je neergeschoten, behalve de vogels, zij zijn vrij.
in het tweede filmpje gaat het over SP die vindt dat iedereen moet kunnen studeren zonder in de schulden te komen want heel vaak houden jongeren heel lang een schuld over van hun studie. Hij wilt dat jongeren gewoon een vak wordt geleerd zonder al die hoge prijzen
in het derde filmpje gaat het over het doodschieten van het teveel aan damherten omdat er anders te weinig eten is en dan is er hongersnood. ik ben het hier niet mee eens omdat het mooie dieren zijn en ik vind het heel erg als ze dood geschoten zouden worden, ze kunnen beter wat meer eten daar neerleggen.
Spinoza:
1. ik denk dat spinoza het eerste filmpje wel erg vind maar dat hij wel zou zeggen dat god het zo heeft gekozen
2. het geluk van de mens is belangrijk, als ze maar gelukkig zijn is het goed.
3. men mag geen enkel levend wezen op aarde doden op wat voor manier dan ook, god hangt heel erg samen met de natuur
Kant:
1. Wat vreselijk dat er geen vrijheid van meningsuiting is! iedereen moet kunnen denken hoe hij of zij wilt. Durf te denken!
2. Mensen moeten gratis kunnen leren om juist te denken en te handelen.
3. Dit kan niet! hier wordt absoluut niet juist gehandeld je mag nooit doden.
Ik denk dat waarneming wel en niet betrouwbaar is. Je ziet het namelijk echt met je eigen ogen. Maar dit geldt niet altijd, soms is er sprake van een illusie: je ziet niet wat je denkt te zien. Dan is er dus geen betrouwbare waarneming. Het is beter om het op te zoeken en kijken wat het resultaat is van meerdere bronnen zodat je zeker weet dat het betrouwbaar is.
hier is bijvoorbeeld niet goed te zien hoeveel poten de olifant heeft.
We hebben alleen het begin van de film gezien dus ik weet er maar een klein beetje over te vertellen.
Amélie is een meisje die in Parijs opgroeit, toen ze jong was zei haar vader dat ze een hartstoornis had dus ze kreeg thuis les. Toen ze een tijdje later met haar moeder op een plein liep werd haar moeder “verpletterd” door een vrouw die van een gebouw sprong om zelfmoord te plegen waarna haar moeder overleed. ze groeit best wel eenzaam op maar in het café waar ze werkt is het wel leuk hier probeert ze een vaste bezoeker aan haar collega probeert te koppelen.
Op een dag staat ze in de badkamer en laat ze iets vallen wat tegen de muur rolt, hier blijkt een luikje te zitten waar een doosje met spullen achter zit verstopt. Ze gaat wat rond vragen in de buurt naar de vorige bewoner van haar huis en krijgt bij haar buren uiteindelijk een naam te horen. Na een lange zoektocht heeft ze de man nog steeds niet gevonden. Nadat bleek dat ze de naam verkeerd had gespeld gaat ze nog een keer zoeken, uiteindelijk vind ze degene waarnaar ze zocht en geeft hem stiekem het doosje terug. Als ze zijn reactie ziet bedenkt ze zich dat ze nog veel meer mensen blij wilt maken. Ze maakt nog kennis met haar oude buurman die schilder is.
filosofie te maken omdat: ze goed nadenkt over hoe ze een zo goed mogelijk leven kan leiden.
ik vond het persoonlijk niet zo’n hele leuke film, vooral omdat ik er niet zoveel van begreep.
jullie moeten hem misschien een keer proberen te kijken als we wat ouder zijn dan begrijp je hem misschien beter? Maar als het je een leuke film lijkt moet je hem vooral kijken!
Blogopdracht 2b: Drie filosofen Filosoof 3: René Descartes
René Descartes was de eerste filosoof van het rationalisme. Hij wordt gezien als de starter van de moderne filosofie. In zijn boek: Over de methode beschrijft hij de beginselen van een methode voor kennis. Deze methode is nu: stap voor stap kennis ontleden tot zekere uitspraken en vanuit dat fundament wetenschap opbouwen.
Na een ontmoeting met de Nederlandse wetenschapper Isaac Beeckman krijgt hij een visioen: de waarheid zoeken. Voordat hij de waarheid zou vinden bedacht hij eerst om aan alles te gaan twijfelen. Niets is zeker, behalve dat alles te betwijfelen is, dat is ook de enige waarheid die hij toen kon vinden. Hierbij had hij ook de uitspraak “cogito ergo sum”: ik denk, dus ik ben.
Vanaf hier wist hij het bestaan van God en het bestaan van de werkelijkheid af te blijven. Daarna maakte hij onderscheid tussen het denken en alles dat zich in de ruimte bevindt. Vanaf daar kwam hij weer met een invloedrijk idee: de ziel en het lichaam zijn gescheiden.
Plato schreef voor het eerst over zijn ‘ideeënleer’ in een metafysische wereld, bestaan oervormen van dingen die in het alledaagse leven zijn waar te nemen. Hij verklaarde dat daardoor dingen herkenbaar zijn en blijven, maar tegelijkertijd toch steeds wat veranderen. Zo blijf je een paard zien als een paard, zelfs als hij maar 3 poten heeft of verschillende kleuren heeft: het paard zelf blijft bestaan.
Bovenaan deze ideeënwereld staan het goede, ware en schone. Deze zorgen ervoor dat er een drang is naar juiste kennis, de drang om goed te doen en de drang om schoonheid te vinden. Deze drang naar het hogere is volgens hem de ziel: het onsterfelijke van de mens. Plato zag het lichaam van de mens als een kerker, waaruit de ziel bij de dood ontsnapt. Tijdens ons leven kun je al een stukje onsterfelijkheid krijgen door filosofie te beoefenen. In de vergelijking van de grot vergelijkt Plato de mens met gevangenen die met hun rug naar het licht de schaduwen op de muur als de werkelijkheid zien. Alleen de filosofen gaan op zoek naar de bron van het licht en proberen de mens te behoeden voor deze “schijnkennis”.
Door de ideeënleer kwam hij ook aan zijn opvattingen over staatkunde, zijn ideale staatsvorm is: een maatschappij die geleid word door vorsten die kennis hebben van de ideeën zodat zij een goede, rechtvaardige filosoof-koning kan zijn.
Blogopdracht 2b: Drie Filosofen Filosoof 1: Aristoteles
Aristoteles was, net als Plato een van de belangrijkste filosofen uit de Oudheid. Zijn werken gingen over wiskunde, biologie, kunst, ethiek, logica en politiek.
Hij maakte een onderscheid tussen theoretische en praktische filosofie. Tijdens het ordenen van Aristoteles’ werken werden zijn werken over de eerste wetenschap achter zijn werken over fysica geplaatst hierdoor ontstond de naam voor de eerste wetenschap: ta meta ta fusika. Dat betekent; dat wat na de fysica komt. Dit staat beter bekent als metafysica.
Hij had veel metafysische inzichten. Een van de belangrijkste inzichten is dat alles in de natuur door iets anders in gang wordt gezet of wordt bewogen. Aristoteles zei dat iemand of iets de oorzaak zijn van dat proces, dit noemde hij ‘de onbewogen beweger’ deze houdt het universum in beweging zonder zelf door iets bewogen te worden.
Ook heeft Aristoteles veel gezegd over logica, vooral over het redeneren: syllogistiek. Dit bestaat uit 2 aannames en een conclusie. Aanname 1 is bijvoorbeeld: ‘alle mensen zijn sterfelijk’. Aanname 2 is: ‘Socrates is een mens’. Conclusie: Socrates is sterfelijk.
Aristoteles had ook ideeën over hoe mensen zich moeten gedragen. Hij beweerde dat de mens tussen twee uitersten het midden moest zoeken.
bij kennisleer vaag je je af of alles wel echt is, je twijfelt dus aan alles. je hebt bij kennisleer 2 dingen:
1. Kennis door waarneming -> empirisme, hier heb je vier claimtesters die meespelen in je waarneming namelijk: autoriteit, intuïtie, logica en waarneming. Voorstanders van empirisme zeggen dat alles is aangeleerd.
2. Kennis die is aangeboren -> rationalisme, voorstanders van rationalisme vinden dat ware kennis vooral voortkomt uit de claimtester logica.