Over verhuisdozen en de schelpen in mijn vensterbank
Mijn moeder wilde opruimen, had 'spullen van vroeger' in verhuisdozen gedaan en die op de overloop gezet. Ik liep er een aantal keer langs zonder erin te kijken, mijn jeugd zat in die dozen weggestopt en dat gegeven beviel me wel. De dozen bleven dicht op de overloop staan totdat ik op een zondagochtend besloot even te kijken, alsof ik eindelijk de moed had verzameld.
Wat ik vond deed me glimlachen. Het deed pijn, maar op een mooie manier.
Kun je je dat voorstellen, dat pijn een gouden randje kan hebben?
Ik vond briefjes van mijn moeder die ze vaak op het aanrecht legde. Ik vond doosjes met schelpen die ik op vakanties in Zeeland op het strand had verzameld, een map met droogbloemen, fragmentjes vergane zomers. Ik zag middagen aan zee voor me, zoute haren, gillend de branding in rennen, de moeheid na het zwemmen. Ik herinnerde me de bloemenvelden waar ik vroeger met mijn oma picknickte, het kleed dat we neerlegden in het gras, het warme zonlicht dat me even echt kind deed voelen. Ik voelde me haast nooit kind.
Ik vond mijn eerste bladmuziek, stapels oude dagboeken, verjaardagskaarten van mensen die nu niet meer in mijn leven zijn, foto's die ik met wegwerpcameraatjes maakte.
Met het opendoen van de doos, was het alsof dat alles eindelijk weer lucht kreeg. Het door mijn handen laten gaan, deed het verleden en het heden met elkaar samensmelten. Ik hield alles vast, koesterde het. Het was alsof ik mijn kindertijd even omhelsde. De grote brok aan duisternis bleek mooie kleine souvenirs te hebben, kleine glinsteringen.
En dus legde ik de schelpen in de vensterbank van mijn studentenkamer. Zette ik de bladmuziek op mijn muziekstandaard. Zette ik een verjaardagskaart van mijn opa naast mijn bed, plakte ik een droogbloem in mijn agenda, hing een paar oude analoge foto's aan mijn muur.
Vasthouden aan de mooie dingen van mijn jeugd, dat leerde ik die middag. Het werd iets meer oké om die tijd met me mee te dragen.
De schelpen liggen er nu nog steeds, de kaart staat nog steeds naast mijn bed. De foto's hangen nog steeds aan mijn muur.