Alweer een nieuw doel?
Jawel, het is er, het eerste artikel dat ik wijd aan mijn grote passie: hardlopen. Deze keer neem ik jullie mee naar mijn laatste avontuur, twee weken geleden: De Zwinstedenloop. Een wedstrijd over de afstand van een halve marathon, één van mijn favoriete afstanden, met vertrek en aankomst in Sluis, langs Damme en zijn deelgemeenten.
Zoals dat hoort, hield ik mij acht weken streng aan mijn vooropgestelde planning: vier maal per week werden de loopschoenen aangetrokken en drie maal per week werd er aan mijn core en spieren gewerkt. Waar ik geen rekening mee gehouden had? De barbaarse weersomstandigheden die zich in maart nog kunnen voordoen. En zo geschiedde: op 17 maart waaide het, waaide het en… waaide het. Reken daar bij dat ik mijn laatste looptrainingen die week afrondde onder de Spaanse zon bij 20 graden, dan moet ik je niet zeggen dat het geen ideale wedstrijdomstandigheden waren. Ik bleef echter positief door me de gedachte in te prenten dat er in een lus gelopen werd: het stuk tegen wind langs de Damse vaart zou in het terugkeren aangenaam zijn met wind mee. Toen ik aan de start stond en plots iemand naast mij hoorde zeggen: ‘Veel wind he, zal indelen worden aangezien het de laatste 4km vol tegen wind is’, kreeg ik het al iets benauwder, maar we gingen wel zien.
Vol goede moed begon ik aan mijn wedstrijd. Een blik op mijn uurwerk na een rondje van 1km door het centrum van Sluis, leerde me dat ik mijn start niet gemist had. Ik klopte af op 4:13, maar hield me toch in het achterhoofd dat het er niet gemakkelijker ging op worden. Na het plaatselijke rondje draaiden we af richting de Damse vaart en voelde ik de wind al op kop. Het werd beuken, maar ik kon tempo houden door het groepje voor me te volgen, waardoor ik mijn tweede kilometer liep in 4 minuten. Ik ken mijn lichaam voldoende om te weten wat ik aankan, maar een halve marathon aan dit tempo en in deze omstandigheden ging ik niet volhouden. Ik probeerde mijn tempo zo constant mogelijk te houden en niet te veel van mezelf te vragen, zolang ik maar onder mijn richttijd bleef.
Na 8 kilometer wegwaaien, kwam de ommekeer en staken we de Damse vaart over om terug te keren richting Sluis. Alarmbellen gingen af in mijn hoofd: 8km heen en 8km terug maakte nog maar 16km. Wat met die overige 5km? Had die man aan de start toch gelijk en kwam er nog een stuk met tegenwind? Ik trachtte er niet al te veel aan te denken en mij nu helemaal te geven in dit stuk onder ideale omstandigheden: wind in de rug en benen die nog behoorlijk fris voelden. Ik bleef constant onder de 4:20 per kilometer en was dus perfect op schema om een toptijd de lopen. Toen toch nog…
Na 14km naderden we terug het centrum van Sluis en was ik exact een uur aan het lopen. Een snelle rekensom leerde me dat als ik dat tempo kon aanhouden, ik de finish ging halen in 1u30. Maar wat toen nog moest komen, gooide wat roet in het eten. Tot kilometer 17 was er geen reden tot klagen, nu en dan wat zijwind, maar al bij al (ver)liep alles vlotjes. Maar toen kwam de ommekeer, letterlijk: een bocht die ons terug richting de finish deed lopen, zorgde er voor dat er nog exact 4km tegen wind moest worden gelopen. Gelopen was op dat moment zelfs een groot woord, want op sommige momenten was het gewoon ter plekke trappelen. Met al een goede 17km in de benen, kwam dit dubbel zo hard aan. Bijkomend probleem: het groepje voor mij was te ver om bij aan te haken en het groepje dat bij mij liep, kon mij op een bepaald moment niet meer bijhouden waardoor ik alleen viel. Na drie onmenselijk lange kilometers, zag ik eindelijk het Belfort van Sluis opdoemen in de verte en ging ik mijn laatste kilometer in. Het laatste beetje energie heb ik uit mijn benen geperst, mét resultaat: ik finishte in 1u33, wat twee minuten sneller was dan mijn vooropgestelde doel.
Heb ik afgezien? Ja. Heb ik genoten? Tijdens het lopen af en toe, maar nadien dubbel en dik. Had ik deze halve marathon in optimale omstandigheden gelopen, had ik zeker een nog scherpere tijd kunnen neerzetten. Maar ergens moet je ook tevreden zijn met wat je al bereikt heb. Nu ben ik zeker dat ik in de toekomst nog marge heb om te verbeteren. Want daar doen we het voor, toch?
Ondertussen is ook het volgende doel gesteld: 20km van Brussel op 19 mei. Mijn doel? Beter doen dan vorig jaar 😉.







