3 juni. De Affaire van het Kostuum brengt Franse minister in de problemen
Frankrijk is in rep en roer. De angst voor aanslagen is nog niet geweken, zeker niet met het EK voetbal en de Tour de France voor de deur. De noodtoestand is nog steeds van kracht, wat tot veel politieke onrust leidt. Alsof het weer graag wil bijdragen aan de stijgende spanning, heeft het de afgelopen tijd veel geregend. In Duitsland leidde dat al tot overstromingen, en nu wordt ook Parijs bedreigd. De kelders van het Louvre moeten ontruimd worden, en de Eiffeltoren dreigt natte voeten te krijgen.
Daarbovenop is er ook nog eens grote sociale onrust in Frankrijk. President Hollande en premier Valls hebben grote moeite met het door het parlement loodsen van een nieuwe arbeidswet, die tot erg veel verdeeldheid en woede leidt. Stakingen leggen Frankrijk al twee weken plat. Kerncentrales werden platgelegd en het personeel van olieraffinaderijen staakte, wat tot een benzinetekort leidde en lange rijen bij de tankstations.
Zoals wel vaker staakten ook de medewerkers van het openbaar vervoer, en de piloten van air France dreigen de komende weken ook te gaan staken, waardoor er ernstige problemen lijken te gaan ontstaan voor de voetbalfans die vanuit heel Europa naar Frankrijk zullen gaan trekken. Mochten er aanslagen gepleegd worden, dan zullen deze mensen achteraf blij zijn met de stakingen. Een groot deel van de Franse bevolking is er echter niet zo blij mee, en heeft genoeg van de stakingen. Volgens hen is een hervorming van de arbeidswetgeving nodig. Anderen vinden weer dat de regering de gewone man en vrouw in de kou laat staan, een voedingsbodem voor groei van het Front National.
In deze zeer gespannen sfeer maakte de Franse minister van Economische Zaken Emmanuel Macron een opmerking die hem niet in dank is afgenomen. Hij was op bezoek in Lunel, een stadje tussen Nîmes en Montpellier. De afgelopen jaren zijn maar liefst acht jonge inwoners van Lunel in Syrië gesneuveld, vechtend voor IS. Macron wilde de aandacht vestigen op het economische potentieel van de regio waarin Lunel ligt, en kijken of er geen alternatieven geboden kunnen worden voor de jongens die zich bij IS aansluiten en naar Syrië trekken.
De actualiteit haalde hem echter in. Hij liep een groep actievoerders tegen het lijf, die aan het protesteren waren tegen de nieuwe arbeidswet. Omringd door camera’s ontstond een verhitte discussie tussen twee actievoerders en de minister, die zich zichtbaar meer en meer ergerde. Hij had wel wat anders te doen misschien, en was een beetje in de val gelokt. Hij beet de stakers toe dat ze niet moeten staken, omdat dat het land doet vastlopen. Daarop zeiden de mannen dat het het kabinet was dat de staking had uitgelokt, niet de stakers zelf.
Op een gegeven moment sprak de minister daarop een zin uit die tot een groot schandaal is uitgegroeid, en die volgens Franse media de geschiedenis in zou kunnen gaan, net zoals Macron zelf geschiedenis zou kunnen zijn binnenkort (politiek gezien dan): “Vous n'allez pas me faire peur avec votre tee-shirt. La meilleure façon de se payer un costard, c'est de travailler.” Oftewel: “Ik ben niet bang voor u met uw t-shirtjes. De beste manier om een pak te kunnen kopen, is te werken”.
De “Affaire du Costard” was geboren. Macron toonde zich namelijk neerbuigend in deze zin, hij liet zich ontvallen dat hij neerkijkt op de mannen in hun eenvoudige t-shirts, die niet eens een fatsoenlijk pak dragen. De minister droeg, zo is onderzocht, een pak van 1200 euro, niet echt een bedrag dat de gemiddelde arbeider kan betalen, hoe hard hij ook werkt. Macron wordt nu beschuldigd van elitisme, arrogantie en gebrek aan realiteitszin, en hij wordt gezien als een vertegenwoordiger van een rijke bovenklasse die zich niets aantrekt van het gewone volk.
In het gespannen Frankrijk van vandaag zijn zulke opmerkingen olie op het vuur. Frankrijk heeft een turbulente geschiedenis, vol opstand, revolutie en bloedvergieten, waar het land met trots op terug kijkt. In de huidige situatie hoeft er misschien maar weinig te gebeuren om weer een revolutie of een burgeroorlog te ontketenen, en Macron heeft misschien wel het lont aangestoken. In ieder geval heeft de affaire twee beruchte voorgangers in de Franse geschiedenis.
Allereerst is daar de opmerking van koningin Marie-Antoinette. Toen het volk door het slechte bewind van haar man, koning Lodewijk XVI, honger leed en zij te horen kreeg dat het volk in opstand zou komen omdat het geen brood meer had, zou zij gezegd hebben “Qu'ils mangent de la brioche", in het Engels vertaald met “Let them eat cake!”. Deze zeer ongevoelige en wereldvreemde opmerking is een gevleugelde uitdrukking geworden.
De uitdrukking werd niet gebruikt ten tijde van de Franse Revolutie om de massa ermee op te zwepen en de haat voor de monarchie aan te wakkeren, maar wel ná de Revolutie, om de revolutionaire esprit levend te houden. Macron heeft per ongeluk een moderne variant op de legendarische spreuk van Marie Antoinette bedacht.
Het probleem is alleen dat Marie-Antoinette de uitspraak nooit gedaan heeft: de schrijver Rousseau had het in een boek over ‘une grande princesse’ die dat gezegd zou hebben, maar dat kan chronologisch gezien helemaal niet de koningin geweest zijn. Bovendien toonde Marie-Antoinette zich in werkelijkheid veel meer begaan met het lot van het volk dan uit deze opmerking blijkt. De hatelijke anekdote is later aan de arme koningin toegeschreven, om haar en de hele monarchie en adel in diskrediet te brengen. Macron toonde zich deze week een stuk minder discreet dan de gehate koningin.
De zogenaamde brioche-affaire toont echter wel aan hoe sterk vermeende minachting van de kant van de machtigen gebruikt kan worden voor politieke doeleinden. Marie-Antoinette was eveneens betrokken bij een andere affaire, waaraan niets gelogen was en die eveneens de monarchie sterk in diskrediet bracht, en deze affaire doet ook erg denken aan die rond Macron: het gaat niet om een duur kostuum, maar om een peperdure halsketting.
Parijse juweliers hadden jarenlang diamanten verzameld om een exceptioneel mooi en duur collier te kunnen maken, dat ze aan koning Lodewijk XV wilden verkopen, die het aan zijn maîtresse, Madame du Barry, zou kunnen geven. De koning stierf echter voordat het zover was, en de juweliers boden het sieraad aan zijn zoon, koning Lodewijk XVI, aan, die het aan zijn vrouw Marie-Antoinette zou kunnen geven. De koning en koningin vonden het echter te duur, en bovendien wilden ze geen sieraad ontvangen dat eigenlijk bedoeld was voor een prostituee die koninklijke maîtresse was geworden, wat Madame du Barry was.
Een ingewikkelde affaire rond het sieraad ontwikkelde zich aan het hof. Wederom had Marie-Antoinette geen schuld eraan, maar kwam ze er slecht vanaf. Kardinaal Lodewijk René Eduard de Rohan was een ambitieuze figuur aan het hof, maar niet geliefd bij het koninklijk paar. Dat wist hij niet, maar een hofdame, Jeanne de la Motte-Valois die zich ten onrechte gravin liet noemen, troggelde de kardinaal geld af, door net te doen alsof ze een vertrouwelinge van de koningin was, en voor hem een goed woordje kon doen.
De la Motte en De Rohan begonnen een briefwisseling, alleen dacht De Rohan dat hij met de koningin zelf aan het corresponderen was, in plaats van De la Motte. Er was zelf een keer een geheime ontmoeting tussen de kardinaal en een actrice die zich voordeed als de koningin, gearrangeerd door De la Motte, die veel geld kreeg van de kardinaal. In de brieven uitte de zogenaamde koningin haar wens om alsnog het halssieraad te verkrijgen, omdat het het mooiste sieraad van die tijd was.
De Rohan werd voor de gek gehouden: hij moest als tussenpersoon optreden, het sieraad kopen en dat dan stiekem doorspelen aan de koningin, zonder dat het volk erachter kwam. Toen de juweliers echter onraad roken, wendden ze zich tot de échte koningin, en die zei verbaasd dat ze nooit de ketting besteld had. Het spelletje van De Rohan en vooral De la Motte kwam uit, en beide werden gearresteerd. Marie-Antoinette stond erop dat het proces in de openbaarheid werd gevoerd, om haar onschuld publiekelijk te kunnen tonen.
Helaas voor de koningin werd de kardinaal in 1786 vrijgesproken, en hoewel de gravin zweepslagen en een levenslange gevangenisstraf kreeg, was het vooral Marie-Antoinette die te lijden had onder de Affaire van de Halsketting. De publieke opinie keerde zich tegen de koningin, die al bekend stond om haar dure smaak. De feiten deden er niet meer toe: het verhaal dt de koningin stiekem uit de schatkist een peperduur sieraad wilde kopen, was de wereld ingebracht. Deze hele affaire bracht Frankrijk weer een stapje dichterbij de Revolutie, en de hoofden van Marie-Antoinette en de koning onder de guillotine.
Het is te hopen voor minister Macron dat de Fransen vandaag de dag wat vergevingsgezinder zijn.