Als de dromen mij het slapen doen opgeven
ergens wanneer de ochtendsterren dimmen
open ik de gordijnen en zie ik een sluierwolk
die zich af en toe als vitrage opent
om mij de pijn te laten voelen
van een blik naar het oosten
Voor mij is het nog steeds april
ik leef in wat kon zijn
van gebroken hart naar gebroken hart
Groei is geen troost
slechts een richel aan een klif
Melancholie is het toevluchtsoord
de natuur de plek waarin het ligt
en ik mijzelf wijs kan maken
dat ik niemand nodig heb














