Van Roemeense ‘carne de vitâ’ naar ‘ragù di Napoli’
Alle JBZ’ers kregen deze zomer een magazine vol leuke verhalen, lekkere recepten & (eet) tips van collega’s voor een heerlijke zomer op de mat: ZOMERsmaak. In de zoektocht naar inhoud werd mij gevraagd of ik geen mooi verhaal had waar een passend recept bij hoorde. Ik moest een denken – en met Robbert overleggen – en besloot het verhaal te vertellen over hoe mijn Roemeense rundvleesstoof is ontstaan en hoe deze veranderde in een Napolitaanse versie.
Dit verhaal (en het recept) wil ik graag met jullie delen 😊.
Ps: de foto van mij die erbij staat, is gemaakt door een professionele fotograaf.
Koken is één van mijn grote passies, dit recept is er een uit mijn hart.
Ruim 20 jaar geleden had ik een relatie (en was ik zelfs getrouwd) met een Roemeense bourgondiër die lekker kon koken en dat ook leuk vond om te doen. Bij één van onze trips naar Roemenië, leerde ik van zijn oude tante in het Noorden een heerlijk gerecht maken: carne de vitâ.
Dit was een stoofpot van rundvlees in een saus van tomaten, ui, knoflook, vegeta (kruidenmix), laurier en feta kruimels. Het maken duurde wel een halve dag, want je stooft het in zo’n pot aan een driepoot boven een vuurtje, blijven roeren en ondertussen de tijd doden met shots tuica (zelfgestookte likeur). Het was echt een traditioneel ritueel bij feesten en speciale gelegenheden.
Grappige detail is dat ik in de loop der jaren het gerecht lekkerder kon maken dan onze Roemeense vrienden, of dat zeiden ze maar zodat ze het zelf niet hoefden te doen ;-) Maar goed, dat alles was in 2006 voorbij. Het gerecht bleef wel trouw in mijn eigen persoonlijke kookboek voor speciale (eet) gasten: Chantal’s Kitch&. Zo ook voor mijn huidige liefde, toen hij 4 jaar geleden voor de eerste keer bij mij thuis kwam eten.
De trip naar Italië in november 2018 was onze eerste vakantie samen. We vlogen naar Napoli, waar we ‘s avonds op advies van ons hotel naar een achteraf gelegen restaurant gingen. Zo eentje waar je eerst door een zwaar fluwelen gordijn moest voordat je bij de deur kwam, waar vooral de locals gaan eten.
Op het menu stond onder andere ‘ragù di Napoli’ met gnocchi. Leek mij lekker. En dat was het ook, want wat bleek: het was ‘mijn’ carne de vitâ, maar dan met romige mascarpone in plaats van de zoutige feta. De verdere trip van Napoli naar Sicilië was er een voor de boeken, maar dit is geen reisgids, dus dat slaan we over.
En zo is mijn favoriete gerecht na 16 jaar in 2018 omgedoopt. Wil je het een keer bij mij komen eten? Dat kan hoor, je bent altijd welkom. Maar ik wil het recept ook wel met jullie delen.
Ragù di Napoli met gnocchi
Ingrediënten
500 gr runderlappen in stukjes / 3 grote uien (in grove stukken) / 2 el hacheekruiden / 1 el vegeta (kruidenmix) / 1-2 blikken gepelde tomaten Heinz (omdat de Nederlandse tomaten niet zo rood zijn) / klein bakje mascarpone / 2 laurierblaadjes / 2 teentjes knoflook / olijfolie
Hoe te maken Het vlees om stukken snijden en eerst even marineren in een mix van olijfolie en vegeta. Na ± 30 minuten het vlees in een braadpan op hoog vuur bruin bakken en de grove stukken ui toevoegen. Even doorbakken, dan vuur lager zetten, wat gekookt water en de hacheekruiden toevoegen. Mocht je een slowcooker hebben, dan kun je het mengsel op dit moment overgieten.
Dit samen laat je ± 45 minuten sudderen, dan kun je de in blokjes gesneden tomaten, laurier en knoflook erbij doen. Dit alles weer laten sudderen en roeren totdat het vlees zo gaar is dat het uit elkaar valt. Voor meer vocht kun je wat gekookt water met de overgebleven tomatensap gebruiken.
Als het vlees zo goed als gaar is, kook je de gnocchi (2 minuten). Zelf gnocchi maken? Is erg leuk, maar dat doen we een volgende keer… Het smaakt trouwens ook prima met (zoete) aardappelpuree of polenta.
Het oog wil ook wat: serveren Pak diepe borden, leg daar een schep (of 2) gnocchi in, leg er een lepeltje mascarpone op en daaroverheen het vleesmengsel. Je maakt het helemaal of door er wat verse basilicum op te leggen.
Tot slot: ik hoef jullie natuurlijk niet te vertellen dat het nog lekkerder smaakt als je het een dag van te voren al klaar maakt, zo trekt de smaak er goed in.
Mocht je het een keer maken, laat mij dit dan weten.
Grazie per l’attenzione e buon appetito. Ciao! Chantal X
















