Ik zag een trein vetrekken, hij
fluisterde me vrijheid toe
een belofte
zo dichtbij, toch nog verre van
realiteit.
Herhaling heeft me ingehaald
elke week vervangt de vorige, elke dag
rijd ik dezelfde wegen, heb ik dezelfde vragen,
zie ik dezelfde straten, parken, sloten, winkelcentra -
het is deze stad verdomme,
misschien wel dit land -
in ieder geval:
de vier muren van ‘t ouderlijk huis -
hier
daagt zelfs
het doucheputje me uit.
De gesprekken uit de kroeg golven nog na -
het was niet de drank
het was de pijn
die sprak
en ik weet niet precies wat het was
dat terugsprak
maar in vino veritas
en adviezen aan jezelf komen beter aan van anderen.
Dozen gevuld met jeugd liggen gestapeld tegen de wand.
Er is teveel gebeurd.
Niets meer te halen.
Ik zal jullie - hier - achterlaten.
Er rust een traagheid in isolement
en een wervelwind in onvrede -
verwoestend, vrij en wild maar
op zondagavond,
zit ik - krijsend -
op de grond
denkend aan
morgen.
Morgen als ik me meld -
zal er weer
een trein komen
die zonder mij
verdwijnt.
Als kind zat ik urenlang achter mijn bureautje A4-tjes vol te schrijven met verhalen. Het papier waarop ik schreef leek uit de Eerste Wereldoorlog te stammen, horizontaal, een beetje gelig, dun papier, met donkerbruine lijntjes. Ook was er een tijd dat ik mijn eigen taal wilde verzinnen, maar toen ik bedacht dat een taal veel complexer is dan woorden alleen en ik ook een grammatica enzinstructuur moest verzinnen, gaf ik het op. Op school schreef ik lange verhalen en gedichten zoals een 8-jarige die maakt, die op mijn verzoek zelfs werden voorgelezen door de juf of meester. Ik was trots op mezelf, dat ze altijd toestemden, en dacht niet eens na over wat de klas ervan vond.
Op mijn 16e publiceerde ik een gedichtenboekje in eigen beheer, maar ik was niet meer zo trots als eerst. Iedereen kan dat in principe doen, zo lang je maar 30 man vindt die je boek willen kopen. Ook hou je er praktisch niks aan over. Mijn familie was wel trots, ik werd zelfs geïnterviewd door de lokale krant, maar in stilte wuifde ik het gevoel weg. Ik deed mee aan gedichtenwedstrijden maar won nooit, alleen een ‘eervolle vermelding’. Die wilde ik niet in mijn zak steken.
Ik bleef schrijven, maar doordat steeds meer mensen er toegang tot hadden, via internet waar ik het op Tumblr zette, kwam er ook kritiek. Of geen reactie. Het aantal volgers op mijn Tumblr-account groeide en ik werd deel van een generatie Tumblr-dichters. Ik telde de hartjes op mijn berichten maar vond dat ik er nooit genoeg kreeg. Ik schreef me nog eens in voor een gedichtenwedstrijd maar ik kreeg de tip om nog wat meer te oefenen. De frequentie van mijn berichten werd steeds lager. Ik schreef nog wel, maar verschool het veilig in mapjes op mijn computer.
Een paar jaar later werd mijn moeder steeds zieker. Ik begon weer pagina’s te vullen, schreef herinneringen op, dingen die ik nog tegen haar wilde zeggen, schaamtevolle gedachten. Hoe kut mijn moeder hetvond dat ze dood zou gaan. Ik schreef alles op en hoe meer ik schreef, hoe meer ik terug kon lezen. Ik was trots op mezelf, dat ik de tijd nam het allemaal op te schrijven, zodat ik mijn moeder op haar echts kon herinneren.
Na haar dood werd ik gevraagd om een rouwboek te schrijven met twee anderen. En werd ik gevraagd om voor een website te bloggen. Ik plaatste mijn teksten weer op Tumblr, kreeg complimentjes, bouwde een website. Ik wist dat ik nooit meer moest stoppen.
Vorige week deed ik een belofte aan mezelf. Dat ik tijd vullen niet meer als tijd doden zou beschouwen, zoals ijsscheppen of broodjes verkopen. Ik deed de belofte dat ik mijn tijd zal gaan vullen met dingen waar ik goed in ben, en beter in wil worden. Ik deed de belofte dat ik elke week een blog zal schrijven, en me niet zal laten beïnvloeden door de hoeveelheid hartjes, likes of zelfs kritiek.
Pieters’ Daglicht over Denkdingen
Er zijn van die mensen die bij hun aantreden de wereld beloven. Niet een stukje wereld, nee, de hele wereld. Inclusief vrede, zonsondergangen en een gratis glimlach bij elke grensovergang.
Zo stond daar ooit een man met een kapsel dat de zwaartekracht dagelijks uitdaagt: Donald Trump. Hij beloofde oorlogen te beëindigen. “We gaan ze stoppen,” zei hij. Alsof…
zaterdag 4/zondag 5 oktober 2025 – Meerhout/Rosselaar/Hulsen
lezingen: Habakuk 1,2-3;2,2-4 2 Timotheüs 1,6-8.13-14 Lucas 17,5-10
Broeders en zusters, eens in de drie jaar horen we op een zondag voorlezen uit de profeet Habakuk. Vandaag is het die zondag. We hebben hem horen wanhopen en klagen. Maar ook woorden van hoop en geloof horen uitspreken. Er zat een echo in van het…
Pieters’ Daglicht over Denkdingen
Er zijn leugens die om stilte vragen, en leugens die schreeuwen. De grootste leugen van deze tijd doet beiden: hij fluistert zoet in ons oor en schreeuwt tegelijk vanaf elke banner, billboard en bestelbus. “Voor 24.00 uur besteld, morgen in huis.”
Ah, het mantra van de moderne mens. De heilige belofte van het almachtige algoritme. De zegen van de digitale…
daar is het weer, het prille groeneen zachte gloed, een nieuw seizoenhet jonge gras dat wenkt en lachtwaar jij straks droomt in zomerprachtde eerste bloesem, licht en fijnkleurt takken zacht met roze schijnde lucht eindeloos helder blauwde zon die warmer wordend lonkthoop ontwaakt, de wereld zingtnieuw leven dat danst ons tegemoetlammetjes dartelen, licht en vrijeen kievitsei ligt in de wei…
Het Fluisterende Diner: Een Epos over Dineren met Gesloten Ogen
In het schemeruur, wanneer schaduwen dansen op het fluwelen gordijn van de nacht,neemt men plaats aan een tafel, niet gewoon, maar een feest van verborgen zicht.Hier, waar de wereld vervagt tot een canvas van zwart,openen gesloten ogen de deur naar een vergeten rijk van tactiel licht.
Gesloten ogen, zoals knoppen van rozen voor de…