Brief naar de plek zonder brievenbus (2)
Emoties beginnen nu wel echt zijn tol te eisen en ik kan er nergens mee heen. Ik ben de hele dag boos. Ik kan alleen maar boos zijn. Continu het gevoel van razernij die door mijn lichaam jaagt op zoek naar een opening. Razernij. Niet per se naar iemand in het bijzonder maar naar alle mensen die ‘s middags de deur uit stappen om naar hun vrienden te gaan. Naar alle mensen die niet hun winkelkarretje desinfecteren voordat ze hem terugzetten. Naar alle mensen die leven alsof de wereld van hun is en die gaan waar ze willen ‘omdat ze het toch wel niet zullen hebben want ze hoesten niet’. Naar alle mensen die ervoor zorgen dat de mensen in de gezondheidzorg overuren moeten draaien en daarmee zichzelf in gevaar brengen. Naar alle mensen die ervoor hebben gezorgd dat ik nu hier zit. Alleen.
Ik schaam mij voor deze gedachten en voor deze emotie en tegeljik weet ik dat het niets meer dan de waarheid is. Omdat er mensen zijn geweest die zich niet aan de regels hebben gehouden, zit ik hier nu. Alleen. Zonder mijn wereld.
Zonder de persoon die ik nog zoveel had willen vragen. Zonder de persoon waarbij ik deze woede wel had kunnen uiten. Zonder de persoon die mijn tranen kon drogen in welke situatie dan ook. Zonder de persoon die onvoorwaardelijk voor mij klaarstond. Zonder de persoon die zo ontzettend trots op mij was. Zonder de persoon die...
Emoties beginnnen nu zijn tol te eisen. Het is nu ruim een maand geleden en ik kan er niet aan wennen. Het heeft niet zo moeten zijn. Ik zal nog wat langer op mijn boosheid en verdriet kauwen in de hoop dat ik het een keer kan doorslikken.
Mijn hart doet pijn. Alle vezels in mijn lichaam doen zeer.














