Interessant onderdeel van de nieuwe David Mitchell, The thousand autumns of Jacob de Zoet, is de inkijk die wordt geboden in de Japanse etiquette. Mitchell is niet de eerste westerling die de Japanse hoffelijkheid positief afzet tegen de onbeholpen lompheid van onze eigen cultuur. Te denken valt onder andere aan het japanverheerlijkende The last samurai. Maar is lompheid nu werkelijk inherent aan onze cultuur?
De meeste conservatieve denkers zijn van mening dat wijdverbreid onbeschaafd gedrag in het Westen iets van de laatste decennia is. Verval van de zeden is in de westerse historiografie een standaard onderdeel van de ondergang van beschavingen. Decadente Babyloniërs, Egyptenaren, Atheners, Romeinen en Maya's gingen feestend hun einde tegemoet. Dus is iedere behoudende intellectueel van Cato de Oude tot Theodore Dalrymple gespitst op tekenen van morele verweking.
Na dit zeer warme weekend kon de nakende ondergang van de westerse Hochkultur afgelezen worden aan de met vuil bezaaide grasvelden in het Vondelpark. De hoofdstedelijke party crew vierde zaterdag het begin van de lente door te midden van rokende wegwerpbarbecues een uitgebreid drinkgelag aan te richten. Wetende dat vooral de middenklasse veel in het park te vinden is, geeft de 5000 kilo zwerfvuil te denken over het verantwoordelijkheidsgevoel van de zogenaamde ruggengraat van de stedelijke samenleving.
Aan het eind van de warme zaterdag raakte ik in genoemd park aan de praat over het egocentrisme van veel ouders van de babyboomgeneratie. Gek genoeg zijn de meeste van hen wel zeer betrokken bij het geestesheil van hun kroost. Ik bedacht mij dat ons onderwijs in bijna alle opzichten faalt, behalve in het bijbrengen van empathie. Dat is misschien wel de kern geworden van het onderricht dat kinderen in het westen krijgen. Antipestcampagnes, kringgesprekken, instructieve toneelstukjes en rollenspellen, voorlichting over discriminatie, andersdenkenden, transseksuelen, BOM-vrouwen en de hele bliksemse postmoderne santenkraam maakt een serieus onderdeel uit van het basisschool-curriculum.
Al die empathie beperkt zich helaas tot intermenselijk contact. En dan vooral tot het begrip opbrengen voor hoe individueel gedrag ontstaat. De keerzijde hiervan is schijnbaar een alomvattende minachting voor het publieke domein. Slechts weinigen kunnen de spagaat tussen maximale individuele bewegingsvrijheid en gemeenschapszin maken. Interessant is dat vervolgens de politieke belichaming van die gemeenschap, de gemeente, geacht wordt de troep op te ruimen. En wel zeuren over te hoge belastingen natuurlijk. Je zou er haast van naar de systeemcrisis gaan verlangen.