Zij
Ze laat mijn licht aan wanneer ze weggaat en houdt mijn hand vast wanneer het donker is. In de donkerte, waarin enkel mijn angsten zichtbaar zijn en ik dan enkel haar armen mis. Wanneer ik dan die handen tast en haar het haar vingers voel die ik zo goed ken. Dan weet ik weer dat thuis zijn betekent dat ik samen met haar ben.











