Vroeger, toen ik een nòg kleiner jongetje was, dacht ik dat grote mensen het allemaal wel wisten. Ze kwamen altijd zo zeker over, waren altijd bezig met druk doen en hadden hun leven op een rijtje.
Tenminste… zo leek het.
Omdat ik nogal een gave had om in de problemen te komen en mezelf in de nesten te werken, probeerde ik nog wel eens naar hun commentaar te luisteren;
Ik mocht niet zoveel nadenken. Ik mocht niet zo stil zijn. Ik mocht niet te druk zijn. Ik moest maar eens goed nadenken. Ik moest beter mijn best doen. Ik mocht me niet zo uitsloven. Ik zag er niet uit. Ik mocht niet zo stom lachen. Ik mocht niet chagrijnig zijn. Ik mocht niet te snel tevreden zijn. Het moest allemaal maar beter. Ik moest maar eens tevreden zijn met wat ik had. Ik moest… Ik mocht niet… Ik moest… Ik mocht niet… Ik moest… Ik mocht niet…
Wat mocht ik verdomme dan wèl zijn?
Elke uitschieter werd afgestraft. Elke piek de kop ingedrukt, ingestampt bijna. Je mocht niet uit de pas lopen. Dat werd niet geaccepteerd. Telkens was er wel iemand die het beter wist. Tenminste… zo leek dat en dat wilden ze je ook laten denken, want in deze wereld moet je sterk lijken. Net doen of kritiek je helemaal niets doet. Vooral geen zwakte tonen. Dan heb je aanzien, vallen de vrouwen voor je en kijkt iedereen tegen je op. Poppenkastje spelen; Ik Jan Klaassen, jij Katrijn!
Fuck it… ik wil gewoon mezelf zijn. Ik wil me niet anders meer voor doen en als mensen daar problemen en er een oordeel over hebben - wat ze uiteindelijk toch wel hebben - dan ben ik op dit moment te beleefd om te zeggen wat ze wat mij betreft kunnen doen. Dus voor de meesten van jullie, blijf lekker die schijn ophouden - waarschijnlijk geloof je er zelf nog in ook - maar laat mij als-je-blieft met rust.
Het blijft een gaaf gevoel om iemand in de ogen te kijken en te beseffen dat die persoon waarschijnlijk nog minder weet waar hij of zij in het leven mee bezig is dan jij, maar het naar de buitenwereld niet wil laten blijken.
In deze schijnwerkelijkheid, waar vreemdgaan niet meer zo vreemd is en waar vertrouwen een mythe blijkt, blijven we toch hard zoeken naar de waardering die we eigenlijk helemaal niet verdienen. En mocht het ooit gebeuren, het wonder dat oprechte interesse heet, dat er mensenpersoon blijkt te zijn die jou echt lijkt te accepteren… dan stoot je hem of haar gewoon weer keihard af, omdat je je piemelnaakt en bekeken voelt en niet kan begrijpen wat iemand in je ziet. We zijn zo heerlijk fijn geprogrammeerd.
Maar waarom zouden ze mij leuk nou vinden?
Simpel… Ik ben gewoon een ontzettend leuke gozer!
Tenminste… zo lijkt dat.